Bezoek

20140731-224858-82138706.jpg

Hij doet z’n best, dat zie je aan alles. Echt gemakkelijk maakt ze het hem niet. Hij probeert beleefd het gesprek gaande te houden. Maar als ze al aandacht aan hem besteedt, gaat het gepaard met grof taalgebruik. Dat is hij zichtbaar niet gewend. Hij weet ook niet goed hoe ermee om te gaan. Wellicht dat iets lekkers haar humeur wat verbetert? Ze graait het weg zonder zelfs maar een bedankje! En als hij dan even zijn aandacht aan iemand anders wijdt, wordt ze vanuit het niets zelfs handtastelijk in een ultieme poging zijn focus weer op haar te krijgen. Om hem vervolgens weer volledig te negeren. Hij snapt er geen bal van en wat hem betreft vertrekt ze liever nu dan later. Tja. Als gastheer hoor je beleefd te blijven. Niets van je ongenoegen te laten blijken. Gewoon te doen alsof er niets aan de hand is. Of je nu mens bent. Of een hond.

Advertenties

Lang, leuk en leerzaam

20140730-215107-78667508.jpg

Vandaag staat Groningen weer op het programma. Een heleboel te bespreken punten met een echte en een gevoelsmatig echt erbij horende collega. Ik vertrek om half 7 en de reis verloopt voorspoedig. Keurig op tijd meld ik me op de locatie, nog net voor mijn collega die op 10 minuten fietsen woont! We begroeten iedereen, worden in de watjes gelegd door de officemanager en gaan aan de slag. Als mijn maag nadrukkelijk rommelt, onderbreken we voor de lunch. ‘Maar geen werklunch!’, waarschuw ik de twee heren. ‘Gewoon even gezellig kletsen en wat eten .’ We hebben geluk en genieten van een heerlijk en onuitspreekbaar (Gronings?) broodje op een terras in het centrum. Daarna tikken we nog een paar uur zaken door en af tot het hoog tijd is om weer naar het zuiden te rijden. Onderweg krijg ik een whatsapp van mijn collega: ‘Prima dag geweest. Wat jij?’ Ik glimlach voor me uit, terwijl het Groningse en Drentse landschap voorbij glijdt. Het was een lange, leuke en leerzame dag. Als in ‘goed en nuttig samengewerkt’. Maar ook: ‘Doe geen hakken aan als twee mannen je op weg naar een lekkere broodjeszaak te voet door half Groningen leiden.’ En ‘Stel geen wedstrijd voor op zoek naar een item in een winkel die jij niet en zij wel kennen.’

Waterpret

20140728-223749-81469116.jpg

Heel even krijg ik de kans om te twijfelen: ontbijten we binnen of kan het nog net buiten? Dan komt het met bakken uit de lucht. Heel veel water dat zo snel mogelijk naar beneden wil. Vergezeld door flink wat licht en geluid. Ik zet Manlief af bij het station, maar nog voordat hij bij het perron is, is hij inclusief paraplu drijfnat. De trein blijkt niet te rijden: blikseminslag. Weer terug thuis was mijn witte broek vanochtend ook geen handige keuze. Ik kan me gelukkig nog net omkleden voor mijn collega arriveert. Onderweg naar een bijeenkomst in het midden van het land gaat het navigatiesysteem op nachtmodus, zo donker is het buiten. Toch heeft het wel iets, zoveel natuurgeweld. Even klaart het op, om een paar uur later opnieuw los te barsten. We moeten vijftig meter lopen van de auto naar het gebouw. Ik loop op blote voeten tot mijn enkels in het water en onze broekspijpen zijn tot boven de knie doorweekt. Eenmaal binnen kijken we elkaar aan en schater ik het uit: dit is echt niet normaal! ‘Doe mij maar gluhwein, alstublieft’, grap ik als me wordt gevraagd wat ik wil drinken. Gelukkig schijnt de zon op de terugweg, maar we horen op de radio dat het grootste deel van het land wateroverlast heeft. ‘Hoe was je dag?’, vraagt Buurman die ik bij de voordeur tegen kom. Lachend vertel ik hem over al dat water en mijn plezier. ‘Verbaast me niets,’ antwoordt hij. ‘Zo reageerde je vroeger al. Jij ziet gewoon overal het positieve van in. Zelfs van noodweer maak je waterpret!’

Planning

20140727-222031-80431193.jpg

‘En, wat zijn je plannen vandaag?’, vraagt Manlief tijdens het ontbijt. ‘Niet zoveel. Paar kilometer hardlopen, beetje lezen. En misschien komt er wel iemand spontaan langs.’ Ik zeg het met een glimlach, want op zondag weet je het nooit bij ons. Aan die woorden denk ik een paar uur later terug. Mijn broer zit aan een glas rosé, terwijl mijn schoonzus vertelt hoe hun familiefeest de afgelopen dagen in de Efteling is geweest. Buurman is in gesprek met Manlief over de komende Moedersweek in Verona, waar hij ditmaal ook zal aansluiten. Mijn moeder zit in een geleend badpak in het zwembad met haar kleinkinderen en afwisselend een of twee honden. En ik? Ik haal nog een zak frites en een paar extra hamburgers uit onze altijd op alles voorziene vriezer. En geniet van de drukte. De zon schijnt, Franse liedjes klinken door het huis en over het terras. Waarom zou je op vakantie gaan als je vakantiegevoel zo eenvoudig kan creëren?!

Kettingbrief

20140724-211136-76296034.jpg

Vroeger, op de lagere school, had ik er al een bloedhekel aan. Kettingbrieven. Ongeacht het onderwerp. Recepten, kindjes in Afrika, gedichten of een nat pak in natuurwater. Ik houd niet van de dwingende kracht die erachter schuil gaat! Hoe vriendelijk en lief ook bedoeld. Er zit altijd een ‘want anders’ achter. Zoveel jaar ongeluk, ‘of ik krijg dit van jou’, ‘of jij moet dat voor mij doen’. Ondanks alles raakt het je toch. En als je er al afstand van kunt nemen, dan krijg je al dan niet goedaardige reacties in de trant van flauwerd, lafaard, spelbreker. Ik heb het geprobeerd uit te leggen. En misschien maak ik er nu een overdreven drama van. Het is geen onverwerkt jeugdtrauma voor zover ik weet. Maar hoe dan ook: ik hou er dus niet van. Punt. Het schoot door mijn hoofd toen ik dinsdag met mijn collega terug liep na een prettig verlopen afspraak. Op een plein zag ik zo’n grondfontein: tussen de tegels spoten af en toe waterstralen omhoog. ‘Durf jij er doorheen te lopen?’, vroeg ik hem lachend. Hij gaf geen krimp. ‘Nou? Truth or dare?!’, drong ik aan. Hij was de wijste (en ik liep achter hem aan), dus we bereikten allebei droog de auto. Goedgehumeurd. Ik vind al die filmpjes op Facebook echt grappig om te zien. En ik verwijt niemand de uitnodiging of uitdaging. Het is even geleden dat ik een vervelende reactie kreeg op mijn onverbiddelijke ‘nee, dank je wel, ik doe het niet’. Vind jij het wel leuk? Geniet ervan! Maar nodig mij alsjeblieft niet uit om mee te doen. En om te bewijzen dat ik wel humor heb, klik hier. Zaak gesloten.

Rust in vrede

vlag

Ik ken iemand die iemand kende. Verder dan dat gaat het niet. Het woord ‘gelukkig’ durf ik niet te gebruiken. Want zoveel mensen hebben een verdriet dat nog veel groter is dan welk woord dan ook. Onbeschrijfelijk groot. Niet alleen nabestaanden van de slachtoffers van MH17. De pijn van een ander herinnert je aan je eigen pijn. Of deze vers is of inmiddels draaglijk, of het om een overleden echtgenoot, een collega, een kat gaat: een herinnering aan rouw vervaagt niet. Ik ben stil en ingetogen. De vlag hangt halfstok. De radio staat zacht. Ik kende geen van de slachtoffers persoonlijk. Maar vandaag gaat het niet om mij. Vandaag is Nederland verbonden in stil verdriet, in gedeeld leed. Vandaag gaat het om iedereen die de wijzers langzaam naar 16 uur ziet kruipen. En daarna verder ziet gaan. Net zoals wij, net zoals zij die verder moeten zonder hen. Iedereen rouwt op zijn of haar eigen manier. Dit is mijn manier. Rust in vrede.

Jan, de Jan

20140722-213016-77416427.jpg

‘Ben jij een beetje bekend in de buurt van het station Den Bosch? Ik zoek een lunchroom of zo voor een afspraak.’ Ik hap naar adem. ‘Jan! Jan natuurlijk! Voor wie is die afspraak? En belangrijker: ben ik daarbij?’, breng ik met enige moeite uit. ‘Jan wie …?’, reageert ze niet begrijpend. Nu volg ik het niet meer. ‘Je zoekt een locatie in de buurt van het station toch? Dat kan er maar een zijn: Jan de Groot. Een niet te missen kans en ook nog eens dichtbij. Als het al 50 meter lopen is.’ En als er geen reactie volgt: ‘Jan de Groot is de Bossche bollen-bakker. Als in de Bossche Bollen-bakker. Lekkerder krijg je ze niet. Dat jij Jan niet kent! Iedereen kent Jan! Als je je in dit land voorstelt als Jan, vraagt men normaalgesproken “familie van de Jan?”‘ Ze grinnikt, bedankt en hangt op. Even later mailt ze het antwoord van een van de genodigden uit Amsterdam: ‘Dat wordt een uitdaging: vergaderen bij Jan! Ik wilde net wat minder gaan snoepen. Maar geen probleem: ik zondig wel. Top!!’ I rest my case. En geloof maar dat ik aansluit bij dit gesprek!