Viva la Poste

Er liggen drie items in onze brievenbus. Allemaal voor mij. Ik vind het leuk om ‘offline’ post te krijgen, dus ik verheug me bij voorbaat. Een is een interessant uitziend pakje met iets ronds erin. Een ander is een langwerpige envelop met handgeschreven adres. Mijn voornaam is verkeerd gespeld maar dat vergeef ik de afzender bij voorbaat: er zit een prachtige postzegel op. Bij de derde frons ik echter mijn wenkbrauwen. Diep. Afkomstig uit Frankrijk. Met mijn volledige doopnamen. Correct gespeld. Dat voorspelt niet veel goeds. Ik besluit eerst boodschappen te gaan doen. Maar bij terugkomst staart de geprinte postzegel me nog steeds hardnekkig aan. Dan ruim ik de was op. Leg het speelgoed van Darwin terug in de bak. Tref voorbereidingen voor het avondeten. En kan er dan niet langer omheen. Ik scheur de envelop open en zucht. Het is wat ik verwachtte: een verkeersovertreding tijdens onze vakantie in de Provence een paar weken geleden. Mijn blik schiet naar linksonder en even trek ik wit weg. Gelukkig is dat het bedrag dat je moet betalen als je tweemaal de deadline laat verstrijken. Tja. Dan kijk ik naar de datum en locatie. Manlief en ik doen niet moeilijk over bekeuringen. Het risico van autorijden. Het is niet anders en het gebeurt gelukkig zelden. Maar toch. We zijn geflitst onderweg naar Nice. Toen zat ik niet achter het stuur! Met een glimlach pak ik de volgende envelop. Vastbesloten Manlief met een warme knuffel te begroeten straks. De televisie op voetbal te zetten. En wie weet, bij uitzondering een koud biertje aan te bieden. Samen met de post van vandaag.

Advertenties

Nacht van de Vluchteling

NvdV1“Kun je alsjeblieft helpen?” Het verzoek van mijn vriendin is natuurlijk niet aan  dovemansoren gericht. Ik sta gelijk in de hulpmodus. Ze licht toe dat ze productieleider is van de live-uitzending Nacht van de Vluchteling. Manlief loopt om middernacht van Rotterdam naar Den Haag. En burgemeester Aboutaleb zal het startsein geven. Na enige kilometers komt hij live in de uitzending. Daar is lokaal wat hulp bij nodig. Van mij. Ik twijfel. Mijn slaapritme staat strak afgesteld. Maar uiteraard zegt ik geen “nee”. Op de dag zelf testen we wat er getest moet worden. En dubbelchecken we de techniek. Ik krijg van mijn allervriendelijkste contactpersoon ter plaatse een keycord met “Crew”: stoer! Dan is het zover: ik schud de hand van de burgemeester van Rotterdam. Hij gaat welwillend met een aantal lopers op de foto. Houdt een opzwepende speech: “Pas een beetje op elkaar vannacht”. En drukt dan samen met de adjunct-directeur van Stichting Vluchteling op de knop: “Go!” Met z’n allen gaan we op weg. Links en rechts loopt beveiliging. We praten over de noodzaak van dit evenement met alles eromheen, en ook de soms weerbarstige en harde reacties van de Nederlanders. Over hondenpoep en een groep hardlopers die op zondagochtend samen met mensen met een visuele beperking rondjes maakt in het Kralingse bos. Respect! Als we de Erasmusbrug in zicht krijgen, ga ik aan het werk. Meneer Aboutaleb geeft aan dat hij toch liever gefilmd wil worden met het interview vanuit de studio. Ik vraag hem iets naar links te gaan staan, zodat de brug op de achtergrond zichtbaar is. Op mijn scherm zie ik het inleidende filmpje en dan de studio, met hem prachtig in beeld. Het gaat geweldig! Als hij een reactie vraagt van de langslopende stoet mensen, zoom ik even in en weer uit. We ronden af en verbreken dan de verbinding. Met een groot compliment (“Dat deed je echt fantastisch, dank je wel voor jouw hulp!”) neemt hij afscheid. NvdV2Mijn whatsapp slaat op tilt: langs alle kanten wordt enthousiast gereageerd. En terwijl Manlief kilometer voor kilometer naar Den Haag loopt, krijg ik even de kans om mijn hoofd op het kussen van het hotelbed te leggen. Slapen zit er ook voor mij niet in met al die adrenaline. Dat komt wel op een ander moment. Want was het gaaf om voor zo’n goed doel zoiets geweldigs mee te mogen maken!

PS: Manlief heeft de 40k in 7,5 uur afgelegd. Zo supertrots op hem!

Still happy together

trouwdag

Toen. Toch een beetje zenuwachtig. Want ondanks dat we in volle overtuiging ‘ja’ tegen elkaar wilden zeggen, en daar meer dan een jaar lang naartoe hadden gewerkt, moest ik de controle uit handen geven. Ik had volledig vertrouwen in mijn twee vriendinnen, onze ceremoniemeesters. Maar ook hoge verwachtingen van De Dag. Zou het allemaal gaan zoals we zo graag wilden? En ja, natuurlijk kwam alles goed! We zeiden de juiste woorden op de juiste momenten. De zon scheen, en iedereen was blij met en voor ons. Zelfs dat ene minpuntje: de bruidsauto die er de brui aan gaf, recht voor de deur van het ouderlijk huis, kon ons geluk niet bederven.
Nu. Dertien jaar later. Mijn oma zei altijd dat een goed huwelijk hard werken is. Voor mezelf sprekend valt dat eigenlijk best mee. Het is vooral leuk, en fijn om ervaringen te kunnen realiseren en delen. Elkaar te verrassen, blij te maken. En dus antwoordde ik op de vraag van Manlief of hij een ontbijt voor mij zou maken: “Nee, dank je wel.” Zijn verbazing ging snel over in nieuwsgierigheid, toen ik vervolgde: “We vertrekken over een half uurtje.” En zo klinken we even later wederom op ons geluk, genietend van een ontbijt op het terras van de feestlocatie van toen. Nog steeds blij met elkaar en de beslissing om volmondig ‘ja’ tegen elkaar te zeggen.

 

En weer terug

Net voor de wekker word ik wakker van de chicanes onder het raam. Snel onder de douche, gevolgd door Manlief en vervolgens Mam. Alles staat al klaar voor vertrek. Nog een laatste keer de bergweg af met de drie honden. Nog een keer de Provençaalse lucht diep inademen. Nog een keer thee uit het karakteristieke geel-blauwe kopje, dat in Nederland gewoon echt anders smaakt. Dan worden de laatste tasjes in de auto gepuzzeld, de honden geïnstalleerd en mijn schoonouders geknuffeld. “Goede reis!” en “Jullie ook!” We rijden door stille dorpjes waar alleen de Boulangerie open is. Het is zondag, rustig op de weg. Op de tolweg vliegen de kilometers onder de banden door. Af en toe stoppen we voor koffie, een plasmomentje en het strekken van de diverse benen en pootjes. Ergens net na de middag zwaaien we met z’n allen naar boven: dan ongeveer vliegen mijn schoonouders over ons heen naar huis. We verruilen het Franse landschap voor dat van Luxemburg, even later gevolgd door België. Als we de Nederlandse grens oversteken, zijn we net geen twaalf uur onderweg geweest. Een prima rit! We trekken nog heel even door en leveren een vrolijke hond bij nog blijere schoonouders af. Dan is het tijd voor het allerlaatste stukje thuisreis. Het waren heerlijke dagen!

Zwijnenstal

We hebben een plaag: door het hele dorp hangen aanplakbiljetten om je te waarschuwen.” Ze toont het bewijsmateriaal: het gazon is vergeven van de kuilen. Everzwijnen! Ze zoeken met hun jongen naar voedsel en spitten daarvoor de tuinen in de wijde omgeving om. De dagen daarna zien we het zelf: elke ochtend verse gaten en de geur van varkens, tot op een meter van het terras. “Ik zou ze wel willen zien”, zegt Manlief. Maar ja, om er nu speciaal voor op te blijven is ook zowat. Op een nacht maak ik hem zachtjes wakker. “Ik moest naar het toilet en toen hoorde ik iets”, fluister ik. We luisteren ingespannen. Dan klinkt het weer: een zacht geknor bij het raam. “Denk je dat het een everzwijn is?” Manlief grinnikt en draait zich om. En terwijl hij alweer half in slaap is, zegt hij: “Dat is Darwin. Hij snurkt!”

Familiewandeling

Aangezien we niet alleen maar dagenlang languit in de zon bij het zwembad willen wentelen, besluiten we een mooie wandeling te maken, samen met mijn schoonmoeder. “Familiewandeling in en rondom kloof” spreekt ons wel aan. Zo’n 7 kilometer waar je twee tot drie uur over doet. “Denk aan water en goede schoenen!” stond erbij. Dus we vullen twee flessen met water en gaan geanimeerd kletsend op weg. We zijn alert op rood-wit geverfde streepjes die de route markeren en controleren regelmatig de gps. “Halverwege kunt u via een trap afdalen en aan de andere kant rechtstreeks het parkeerterrein bereiken.” Aangezien we er op dat moment zo’n twee uur op hebben zitten, vinden we dat een prima alternatief. Totdat we onderaan die trap staan. Die helemaal niet zo lang is. Via een steil pad klauteren en glijden we naar beneden, soms onhandig bengelend aan een overhangende tak. Als we het stroompje bereiken, wacht ons een tweede verrassing. Door de vele regenval is het water behoorlijk gestegen. Van kei naar rotsblok springend bereiken we de overkant. Waar we tegen een loodrechte rots omhoog kijken! Goed, er is een reling waar je je aan kunt optrekken, enigszins. We praten elkaar voortdurend moed in en helpen elkaar over de ergste punten. Totdat we inderdaad na nog eens twee uur de auto zien. Spijt? Nee, niet echt. Wel bovenmatig trots op de prestatie! Maar “Les Gorges d’Oppedette” is zeker geen ‘familiewandeling’! Enne … dat kleine oranje vlekje rechtsboven op de foto, dat is Bart!

Nice is nice

En zullen we dan met z’n tweetjes een dagje naar Nice gaan?” Ik knik enthousiast. Ben er een aantal keer geweest, maar nog niet eerder samen. “Nice!”, zeg ik met een knipoog. We rijden grotendeels binnendoor: via N- en D-wegen die zich door dorpjes en over bergen kronkelen. Ineens zegt Manlief: “Ik zie de Middellandse Zee!” We parkeren de auto vlak langs het water. Er is hier geen zandstrand, dus wankelend zoeken we een weg over de kiezels en keien naar de branding. Het water is heerlijk koel, maar minder helder dan in Barcelona. Niettemin geniet ik met volle teugen! We drijven langzaam terug naar de kust en laten ons opdrogen in de zon. Dan rijden we richting centrum over de Promenade des Anglais. Even gaan mijn gedachten naar de vreselijke gebeurtenis bijna twee jaar geleden. Ik zie geen memoriam, wel veel grimmig kijkende politie met geweren. We lopen richting centrum, snuffelen tussen souvenirs en spelen met een fontein ter grootte van een voetbalveld. Als we uitgeflaneerd zijn, zakken we in een strandtent neer. Met een zalige non-alcoholische cocktail proosten we op het leven, en op alweer een heerlijke vakantiedag. Very, very Nice!