Mini-Moederdag

Zoals vermeld hangt het nestkastje eigenlijk onhandig. Een beetje scheef, opening op het zuidwesten (in plaats van noordoosten), te laag bij de grond en vanaf een uur of vier in de volle zon. En toch had het vogelpaar alle vier de oogjes erop laten vallen. En het naar hun geheel eigen smaak ingericht. Na een paar dagen afwezigheid was ik heel nieuwsgierig: de eitjes konden elk moment uitkomen. Mevrouw keek in tegenstelling tot afgelopen weken regelmatig even naar buiten, dan weer achter zich en weer door de deuropening. Alsof er binnen iets bijzonders gebeurde. En ja hoor, halverwege de middag vertrok ze om in no-time terug te keren met iets in haar bekje. Vanaf dat moment was het een komen en gaan. En dat nog wel op Moederdag! Als je goed luisterde, klonk er zacht gepiep uit het nestkastje telkens als een van de ouders arriveerde. Manlief vroeg plagerig of we ze namen gaan geven. Wat heel onlogisch is, omdat we niet weten hoeveel het er zijn. Maar niettemin: morgen ga ik mini-beschuitjes met muisjes uitdelen om de gezinsuitbreiding te vieren.

Gezinsuitbreiding

Doodstil blijf ik voor het raam staan. En zie hoe mevrouw en meneer af en aan vliegen met takjes, mos en grassprieten. Voor het eerst in de ruim 30 jaar dat ik hier woon, is er interesse in onderverhuur door onze gevleugelde buren. Mijn vriendin heeft twee jaar geleden een vogelhuisje voor me gemaakt, dat ik tegen beter weten in toch heb opgehangen. Het heeft de grappige tekst ‘Bed & Breakfast’: humor die ik zeker kan waarderen. Maar tot op heden deed het dus vooral dienst als ‘terrasaankleding’. En nu: nu zien twee koolmeesjes het wel zitten. De lamellen in de keuken blijven dicht: we willen zo min mogelijk verstoring veroorzaken. En kijken reikhalzend naar de ontwikkelingen. Ik verdiep me in de cyclus van nest tot ei en maak me zorgen over het feit dat het huisje iets uit het lood hangt. Daarnaast houd ik een scherp oog op de achterburen: in de boom wonen al jaren een stel eksters die niet vies zijn van een vogelkind. Dan zie ik dat meneer al een tijdje druk bezig is met de opening. Die heeft de juiste afmetingen, zo benadrukt mijn vriendin. Maar ook vogeltjes hebben twee jaar corona achter de rug. Meneer ziet er inderdaad stevig uit. En om te voorkomen dat hij vast komt te zitten, maakt hij de opening wat royaler. Mevrouw ziet het hoofdschuddend aan. Ze had hem nog zo gewaarschuwd. Maar daar school gelijk het gevaar: een gewaarschuwd koolmeesje geldt voor twee. En die past nu dus niet door de voordeur.

Tiener

Dat kleine hoopje beagle dat net acht weken oud een plekje zocht in mijn armen en in mijn hart. Met de bijna onmogelijke uitdaging om zijn voorganger Floppy te evenaren. Vanaf vandaag mag hij zich een tiener noemen. Zijn naam en faam is inmiddels wijdverspreid. Hij heeft zijn eigen Facebook-pagina waar hij ongepast gebruik van maakt. Tijdens de eerste lockdown vermaakte hij talloze volgers met zijn kunstjes. Bij de dagopvang is hij een geliefde gast met zijn onverstoorbare blik. Hij is het volmaakte voorbeeld voor het rijtje puppies in zijn netwerk. En hoe stressvol een dag ook is verlopen, alle spanning glijdt van je af als hij op schoot kruipt voor een warme knuffel. Van harte gefeliciteerd, jochie. En nog vele jaren. Ook daarin mag je Floppy overtreffen. Heel heel graag.

Wappie

Oma wordt 80 jaar. En dat willen we heel graag binnen de huidig geldende covid-richtlijnen vieren. Dus huren we twee huisjes aan zee: een voor het gezin van mijn broer en een voor ons. We houden royaal afstand, ieder heeft zijn of haar eigen badkamer en toilet: veiligheid voor alles. Zelfs terwijl we nagenoeg allemaal gevaccineerd en geboosterd zijn. Mijn moeder geniet al voor de aankomst met volle teugen. Samen proosten we op haar gezondheid en nog vele jaren. Achteraf was dat misschien onhandig. Hadden we beter op ieders welzijn kunnen klinken. Want de jongste wordt ’s nachts ziek. De klachten zijn heel herkenbaar, dus we laten hem gelijk testen en ja hoor: positief. En ondanks dat we nog voorzichtiger in het kwadraat zijn, test mijn nichtje ’s avonds ook positief. Net als mijn moeder en schoonzusje een dag na thuiskomst. Ik de dag erna. Waarop Broer en Manlief de rij sluiten. Op advies van de GGD gaat iedereen keurig in quarantaine. De klachten zijn gelukkig overkomelijk en buren en vrienden springen bij. Even volhouden, op je tanden bijten en je neus in verse tissues snuiten. Dan is die week zo voorbij. Er is slechts een klein maar-tje aan de situatie. We hebben blijkt nu een wappie in ons gezelschap. Die weigert een zelftest, terwijl ook hij al twee keer heeft geniest. We laten het voor nu maar even voor wat het is. Maar o wee als hij ook koortsig en hangerig wordt. Dan mag Darwin eraan geloven, of hij wil of niet.

PS: dit laatste is uiteraard met een stevige knipoog geschreven. Onderzoek laat zien dat 1 op 7 honden corona kunnen krijgen. Dus we houden hem zeker in de gaten. Maar tot nu toe oogt Darwin en ook Misty kerngezond. Fingers crossed!

Lostrekken

Snel wend ik mijn blik af. Na zijn overlijden is het huis van Maarten opgeruimd. Hij heeft het afgelopen half jaar al heel wat voorwerk verricht. Dingen weggegooid. Een briefje op bezittingen geplakt die naar een nieuwe eigenaar gaan. En dat waren er heel veel. Maar er is nog het een en ander aan huisraad over. Daarvoor is nu een bedrijf ingehuurd, die alles meeneemt. Zodat het huis leeg kan worden opgeleverd aan de nieuwe huurder. Het lastige is dat zijn huis aan de overkant van de straat staat. We hebben het volle zicht op de opruimwerkzaamheden. Zien de mannen naar een aanhangwagen lopen met hun armen vol met zijn geliefde spulletjes. Ik weet dat het moet. Dat het niet anders kan. Dat dit bij het loslaten hoort. Maar het doet pijn. Alsof je aan een velletje trekt dat steviger aan de huid vast zit dan je dacht. Soms zo stevig dat de tranen in je ogen schieten.Ik slik en adem een keer diep in en uit. Kijk een andere kant op. Het komt wel goed. Het heeft gewoon even wat tijd nodig. En die nemen we. Zo lang als nodig is.

Tot de dood ons scheidt

Lieve Maarten, ik zie jou nog zo zitten, in de bank achter mijn beste vriendin Angelique en mij op de middelbare school. Wat hebben we je geplaagd! Maar het was goedbedoeld, uiteraard, want stiekem was ik behoorlijk verliefd op je. Van jou kreeg ik mijn eerste echte kus. Een aantal jaren ging het uit en weer aan en weer uit. We konden niet met, maar ook niet zonder elkaar. Samen op vakantie, voor het eerst zonder ouders. Of nou ja, een beetje, want we ging een week in twee tentjes naast hun caravan staan. Nog verder weg, naar Spanje met dat leuke buurhondje Timmy, en naar Hongarije samen met Mary. Ook mijn familie sloot je in hun hart. Mijn oma noemde je steevast haar kleinzoon. En je was erbij toen mijn vader stierf. Onze huizen staan al tientallen jaren tegenover elkaar, we liepen bij elkaar in en uit. Op de jaarlijkse wintersport mochten we ‘s avonds niet in hetzelfde spelletjesteam zitten, want met één potloodstreepje van mij wist jij al dat ik de actrice Meryl Streep bedoelde. Toen ik Bart leerde kennen, stapelverliefd op hem werd en met hem trouwde, was je mijn getuige. En dat nam je ter harte. Ik heb menig preek gehad als ik mijn beklag deed over een akkefietje van Bart: je stond meestal aan zijn kant en ik kreeg dan te horen dat ik me beter moest gedragen. Zondagavond was onze avond: dan stak je de Ginnekenweg over en kozen we samen een film uit de door Bart gemaakte voorselectie uit, die we onder het genot van een lekkere maaltijd met z’n drieën bekeken. Je noemde jezelf altijd mijn Reservebankje: als Bart om de een of andere reden ergens verstek moest laten gaan, viel jij in. We zouden samen oud worden, jij en ik. Samen met Bart in hetzelfde seniorencomplex wonen. Ik zo’n gezellige kletskous, Bart mijn als altijd liefdevolle steun en toeverlaat en jij mopperend op van alles en nog wat, maar met jouw kleine glimlach. “Ach, die meneer Van Wijk!” Het mocht niet zo zijn. Je werd ineens niet goed. De diagnose was overdonderend slecht. Je probeerde controle te houden en was gefrustreerd als dat niet kon, niet meer lukte. En wilde niet opgeven, Samen met jou hielden we vol, totdat het echt niet meer kon. Maar daar wil ik nu niet aan terugdenken. Ik richt me liever op de vele, hele vele mooie herinneringen aan iets meer dan 40 jaar vriendschap. Ons huis staat vol met kleine en grotere attenties van jouw hand en hart. Ik koester ze. We hebben afgelopen weekend samen nog naar een kerstfilm op Netflix gekeken: jij in het hospice en ik thuis bij Bart. Via de app gaven we commentaar op de scènes, waar we om moesten lachen. Dat was zo fijn. Ik hou van je, Maarten, en dat zal nooit veranderen. Jij gelooft niet in een hiernamaals, maar ik wel. En aangezien ik het vaakst gelijk heb gekregen in die ruim 40 jaar, vertrouw ik erop dat we elkaar weer tegenkomen. Ik geef je nu nog een laatste dikke knuffel. Tot dan!

Stormachtig

“We moeten allebei naar kantoor, dus de hondjes gaan naar de dagopvang. En door weersomstandigheden wordt een zware ochtendspits verwacht”, zeg ik tegen Manlief. “Ik lift graag een stukje mee in verband met diezelfde storm”, luidt zijn antwoord. “Op tijd vertrekken dan.” Katrien, de hond van mijn schoonmoeder, logeert deze week bij ons. Als de wekker om 6 uur rinkelt, kijkt ze zeer verstoord op en weigert uit haar mand te komen op dit onzalige uur. Manlief tilt haar echter zonder pardon op: “het is geen keuze, meisje, we gaan.” Mopperend installeert ze zich op de achterbank van de auto. Darwin ziet de bui hangen en gaat in de uiterste hoek tegenover haar zitten. Ik zet Manlief af bij zijn werkgever en stop dan op de overdrachtsplaats voor Willow. Zij gaat vandaag ook mee uitrazen. Als ze Katrien ziet, reageert ze blij verrast. Maar terwijl ze enthousiast op haar afspringt, krijgt ze een enorme snauw: Katrien is daar vandaag helemaal niet van gediend. Willow zoekt dan maar troost bij Darwin, en Katrien moppert nog een aantal kilometers na. Als ik het drietal afzet bij de dagopvang, zegt een van de verzorgsters, na een blik op Katrien geworpen te hebben: “Niet jouw moment van de dag, hé?” Katrien doet er het zwijgen toe, maar haar houding is veelzeggend. Ik grinnik en loop terug naar de auto. Hopelijk is de boze bui vanmiddag ook overgewaaid.

Het leven is verrukkelijk

Checklist vakantie:

✅ uitgeslapen

✅ zwijnen en varkens gespot

✅ elke dag iets lekkers bij de koffie

✅ gemiddeld elke dag 5 kilometer gewandeld en een kwartier cardiotraining

✅ konijn gezien #tam

✅ goed gesprek gevoerd

✅ drie keer iets heel spannends gedaan

✅ vier boeken gelezen

✅ lokale middenstand gesteund

✅ GENOTEN #inhoofdletters

Eindeloos genieten

We hebben het hier dus geweldig naar ons zin. Recht voor ons zicht op de natuur, groot en klein, en tien stappen buiten het hek allerlei fantastische wandelroutes. We lezen veel, genieten van al het lekkers dat de lokale middenstand ons biedt, hebben een dagelijks sport-halfuurtje. En Darwin en ik wandelen elke dag een stevig stuk. Vandaag was het heerlijk herfstweer. Als in: ‘slaan we hier af, of pakken we de volgende?’ Dwars door een doodstil bos, langs de uitgebloeide heide, en allerhande boerderijen passerend. Er staan kraampjes buiten met een busje, vaak zelfs met wisselgeld. Voor honing, voor hooi, voor eieren en voor pompoenen. En we lopen maar. Ineens zie ik een enorme modderpoel, en een paar varkens. Als Darwin en ik stil blijven staan, komen ze met flapperende oren naar het hek hollen. Met stralende ogen en een guitige blik kijken ze ons aan. Overal zit modder en dat interesseert hen niets. Ik word instant vegetariër bij het zien van zoveel pret. Weer gaat het verder, langs paarden en koeien en nog meer vogels. “Zo, jullie zijn lang weg geweest”, zegt Manlief als we eindelijk weer het huisje binnenlopen. “We konden er gewoon geen genoeg van krijgen”, luidt het antwoord. Nog een paar dagen te gaan.

Pannenkoekenspeurtocht

“Dan ga ik te voet met Darwin. Het is een uurtje lopen. En omdat je teveel last hebt van je voeten, pak jij de auto. Ontmoeten we elkaar bij het pannenkoekenhuis voor een lekkere lunch”. Het regent een beetje maar de meeste buien zijn voorbij. Darwin en ik ademen diep de frisse lucht in. Heerlijk. Na een kwartiertje maak ik een paar leuke foto’s van een ontmoeting met koeien en ineens heb ik een voorgevoel. Ik check de website nog eens en zoom in op de openingstijden. En jawel: mijn vermoeden klopt. Het restaurant gaat pas om 16 uur open. Ik app Manlief en zoek digitaal snel naar een alternatief. In plaats van een lange rechte weg, wandelen we nu een rondje en rijden even later met z’n drieën in de auto naar een ander dorpje. We kletsen, genieten van de route en twintig minuten later rijden we het parkeerterrein op. Met de QR-codes paraat duwt Manlief de deurklink naar beneden. Zonder resultaat. Binnen blijkt het donker. Ik pak nogmaals mijn mobieltje en wijs: “Hier staat dat ze open zijn!” Manlief wijst ook, naar het bordje op de deur met de tekst ‘dinsdag gesloten’. Met een zucht lopen we terug naar de auto. “Er is er nog een, net boven Epe.” De route is zo mogelijk nog mooier, met het laatste stuk over een verharde zandweg. De locatie ‘De Ossenstal’ gaat prachtig op in de omgeving. En beter nog: ze zijn geopend. Even later zitten we eindelijk aan een heerlijke pannenkoek. Om te vieren dat de pannenkoeken-speurtocht geslaagd is, bestel ik als toetje een ijscoupe. En omdat het vakantie is natuurlijk. Waarvan we met volle teugen genieten.