De collega van

Mijn collega werd ooit aangereden. Tijdens zijn herstel ontstond het idee voor een website waar je kunt aangeven wat je voor een ander wilt doen. Een vraag kunt stellen of iemand je kan helpen. Zes jaar later doen 40000 mensen mee. En is zijn naam tot ver buiten de landsgrenzen bekend. Ik stel me dan ook regelmatig voor als ‘collega van’. En ben daar nog trots op ook! Gisterenavond was de première van de documentaire ‘Moeder aan de Lijn’ tijdens het Nederlands Film Festival. Drie indrukwekkende portretten van dochters die voor hun moeder zorgen. Letterlijk “in your face with a chair”. Eric Corton was een zichtbaar betrokken gastheer. Ik werk sinds begin van de zomer samen met de productiemaatschappij voor de aansluitende meet-ups die door het hele land gaan plaatsvinden. En werd als crew-lid op het podium bedankt door de geweldige regisseuse Nelleke Koop ten overstaan van een volle zaal. Zo gaaf! Het ontging me zelfs dat mijn naam ook nog op de aftiteling stond! Tijdens de afterparty voegde Nelleke zich even bij ons team voor een knuffel en welgemeende complimenten. En niemand begreep natuurlijk waarom ik in een hartelijke lach schoot toen mijn collega zich voorstelde als ‘collega van Dorine’! Maar hoe dan ook: kijk morgen naar RTL Late night voor een gesprek met Eric en Carin, een van de hoofdrolspelers uit de docu. De documentaire zelf is komende maandag om 21 uur te zien bij NPO2.

Advertenties

Reisje op de Rijn

Onze vertrekdag is populair: vele gasten in het hotel willen tegelijkertijd douchen, ontbijten en vertrekken. Maar niettemin verloopt alles op rolletjes en rijden we rond half 11 de parkeergarage uit. Tjoss, Koln, es war wieder toll! De beide moeders willen het uitje graag afsluiten met een tocht op de Rijn, na kilometers langs het water te zijn gereden. En zo parkeren we een half uurtje later in Düsseldorf. We vinden de aanlegsteiger vlakbij de Burgplatz, waar arme Jakobe door haar jaloerse zuster Sybille is vermoord en ze nu als Wit Wief rondwaart. We genieten van een heerlijk uur in de zon op het nadrukkelijk lager staande water. Terug op de kade vind ik nog een paar zeer toepasselijke souvenirs. En dan zit het er echt op. We rijden binnendoor terug naar huis, napratend over alweer nieuwe herinneringen aan het moedersweekeind 2018. Nu al benieuwd waar de reis volgend jaar naar toe gaat!

Keuls water en chocola

Na een lekker gevarieerd ontbijt pakken we de trein vanaf het station naast het hotel naar het centrum van Keulen. Eerste stop is de Dom. Net als vorige keer is er ‘helaas’ een mis gaande dus verder dan de entree komen we niet. Er is wel veel politie op straat: Erdogan komt een moskee openen en voor- en tegenstanders hebben zich verzameld. We lopen door naar het beroemde water van Keulen: 4711. En de winkel Maus & Co, de Duitse Loekie. Bij de bron van de Heinzelmannchen is het druk en stil. Een grote groep doven wordt via gebarentaal verteld over deze kabouters die ooit de burgers hielpen met klusjes. Dan is het tijd voor chocola. Veel chocola. De moeders gaan per taxifiets, Manlief en ik pakken de benenwagen. En genieten vervolgens van alle info en proeverijtjes! Voor het diner hebben we via Tripadvisor onze keuze op een klein Italiaans restaurant laten vallen: Marcellino. Het is op loopafstand van het hotel, maar volgens de eigenaresse helaas volgeboekt. Als we buiten een alternatief bespreken, komt ze ons achterna. Met wat passen en meten en niet te lang natafelen moet het lukken. En wat een feest. We eten heerlijk zonder enige druk te voelen en krijgen zelfs nog een kopje koffie. Aanrader voor een volgend bezoek. Moe maar voldaan rollen we ons bed weer in. Ons verheugend op de laatste dag van het moedersweekeind 2018.

Na een nacht vol mooie dromen over prinsen en jonkvrouwen nemen we afscheid van Schönburg: op weg naar het volgende sprookje. Al snel zien we een rots in de herfstzon hoog boven de Rijn uitsteken. Daar lokte Loreley menig bewonderaar naar zijn graf. Heinrich Heine maakte een gedicht over deze nimf: “Ich weiss nicht wass soll es bedeuten dass Ich so traurig bin”. Voorzichtig steken we met een pontje over naar de andere kant: je weet maar nooit of de schipper haar betoverende gezang nog in z’n hoofd hoort. Boven is het uitzicht magnifiek. En er is een bonus. Naast het bezoekerscentrum ligt een zomerrodelbahn. Samen racen we driemaal naar beneden en hebben de grootste lol! Dan rijden we verder naar Rhens. Hier werden koningen gekroond op een indrukwekkende stenen troon. Nadat ook wij voor de vorm even hebben plaatsgenomen, is het tijd voor het volgende  onderdeel van de dag. Met het oudste tandradbaantje van Europa bereiken we het kasteel waar Siegfried volgens het Nibelungenlied de draak versloeg. Ook hier kijken we onze ogen uit. We rijden het laatste stukje naar Keulen, waar we voor twee nachten inchecken. Loreley was treurig. Wij absoluut niet!

Ergens ooit lang geleden

Sinds we getrouwd zijn, nemen we onze moeders elk jaar een paar dagen mee op vakantie. Het moedersweekeind. Van Reykjavik naar Rome en van Londen naar Lissabon: we hebben er onze voetstappen gelegd. Nu we allemaal wat ouder worden, blijven we wat dichter bij huis. Maar de nieuwsgierigheid naar nieuwe avonturen is onverminderd. Dus dit jaar zijn we op zoek naar sagen en sprookjes langs de Rijn. We volgen de route van Gottfried von Bouillon, kleinzoon van de Zwanenridder. Zien de Muizentoren in Bingen, waar een valse paus Hatto II door muizen werd opgegeten, nadat hij het volk onrecht had aangedaan. En rijden dan de parkeerplaats van onze eerste overnachting op: Schönburg. Een heus kasteel uit 1100 dat omgebouwd is tot hotel. Wij slapen in het wachtershuisje, Schoonmama kijkt vanuit haar badkamer met gouden kranen over de Rijn uit. En mijn moeder danst van verrukking door haar torenkamer, wachtend op een prins die langs haar speciaal gekochte extensies naar boven zal klimmen. De medewerkers lachen bij het zien van zoveel vreugde. We genieten van een drankje in de kasteeltuin, krijgen de heerlijkste hapjes bij het galadiner. En leggen ons na een ontspannen verpozen in de marmeren badkuip te ruste in de bedstee. Gute Nacht Freunde.

Handen met lapjes

In de aanloop naar het traditionele moedersweekeinde rijd ik samen met Darwin naar de autowasstraat. Voor ons elke keer weer een avontuur. Ik weet niet wat ik precies zo spannend vind. Eventuele schade kan verholpen worden en zo’n stralend schone bolide is toch een feestje. Maar toch. Telkens opnieuw zit ik met zweet in mijn handen de instructie te lezen en vraag ik het voor de zekerheid nog een keer aan de medewerker. Dan stuur ik een brand-sms voor geestelijke bijstand aan Manlief en sluit mijn ogen. Tot het voorbij is. Maar dan het tweede deel: de interieurstraat. Je rijdt de auto op een lopende band, stapt uit, en gaat met een kopje koffie op een bankje zitten. De auto komt langzaam aanschuiven, terwijl vele handen met lapjes de binnenkant poetsen tot het blinkt. Geweldig! Zo ook vandaag. Maar blijkbaar zijn er niet vaak honden. Laat staan zulke leukerds als die van ons. Een van de medewerkers vraagt of Darwin een brokje lust. Nou, dat is niet aan dovemansoren. In no-time staat er een enorme bak lekkers. Ik laat hem een kunstje doen: voor wat hoort wat. Nu komt ook een collega kijken. Nog een brokje, nog een kunstje. Er staan al vijf mensen die elkaar lachend aanstoten, vragen om herhaling, filmpjes maken en aan bekenden versturen. Zo leuk! Dan wijs ik lachend op iets achter hen: de auto die keurig langzaam voorbij schuift, moederziel alleen. Iedereen schiet in de actie. Een paar minuten later rijden we weg, nagezwaaid door vele handen. Met lapjes. Tot de volgende keer, bij voorkeur met hond!

Bram

“Makkemaaie?” In eerste instantie versta ik het jochie niet eens, maar Darwin begrijpt het uitgestoken handje en gaat gewillig zitten om geknuffeld te worden. Hij heeft een onweerstaanbare aantrekkingskracht op mensen, met z’n open blik en fluweelzachte bruine oren. “Dag Bram!”, zegt hij vrolijk. “Nee, dit is Bram niet”, reageert de bijbehorende vader. En mij vervolgens mij verontschuldigend aankijkend: “Mijn moeder heeft ook een Beagle en die lijkt er wel veel op inderdaad.” Ik informeer naar de fokker: de Roepertjes hebben een nadrukkelijke gelijkenis. Maar daar heeft hij geen antwoord op, zijn kennis reikt niet verder dan het ras. In de tussentijd heeft het jongetje zijn armen om de nek van Darwin geslagen die het allemaal gemoedelijk over zich heen laat komen. Dan vindt de vader het genoeg: ze moeten verder. Nog een laatste knuffel, een kroel en dan lopen we in tegenovergestelde richting verder als ik hem hoor zeggen: “Dat was dus echt wel Bram!”