Vorstelijk

koninginnedag

Normaalgesproken laat ik me een keertje extra uitslapen niet ontnemen. Maar toch niet vandaag! Om 7 uur geeft Darwin aan dat de dag is begonnen. De voorlopig laatste Koninginnedag. En tevens dag gevuld met de feestelijkheden rondom de inhuldiging van onze nieuwe koning en koningin. In uitbundig oranje gekleed zit ik even later voor de televisie. Ontbijt wordt aldaar genuttigd, gevolgd door koffie met de onlosmakelijk aan deze dag verbonden oranje tompoes en glaasje oranje likeur. Manlief krijgt het behoorlijk voor zijn kiezen, zijnde geen monarchist. Want ik geniet en zit aan de buis gekluisterd. Ik houd mijn adem in bij de abdicatie. Pink een traan weg tijdens de balkonsessie. Discussieer heftig over de noodzaak tot tijdelijke beperking van het recht op vrijheid van meningsuiting voor sommige landgenoten. En val stil bij de speech van de koning. Dat koninklijke knikje van Amalia als ze wordt toegesproken, waanzinnig! De honden worden snel uitgelaten terwijl het vorstenpaar wordt gefeliciteerd door collega-hoogheden. In rap tempo wordt het avondeten bereid, want ondanks alles wil ik meezingen (heel zachtjes) met het Koningslied. Dan is het alweer tijd voor de Koningsvaart. Ik juich als ze spontaan de boot even verlaten om Armin en het Koninklijk Concertgebouw Orkest te bedanken voor een bewonderingswaardig Staaltje Kunnen. En wat leuk dat Herman Pleij het geheel mede van commentaar voorziet op Nederland 1. Ik ben een middag in Achlum zijn PA geweest! Na nog een stukje Museum-/Oranjeplein te hebben gekeken, sluit ik de dag af met een laatste oranje soesje. Morgen roept het werk en normale leven weer. Wat een dag, wat een feest, wat een Nederland! En daar hoor ik bij! O ja!!

Advertenties

Familievete

Corne

Darwin ligt naast me op de bank te slapen. Ik aai z’n superzachte oren en streel zijn rug. Als mijn hand over zijn flank glijdt, voel ik een verdikking. Nadere inspectie leert dat er een klont vuil zit. Nu is dat op zich niet verrassend als je ziet hoe hij vaak bij de dagopvang vandaan komt: superblij maar onder de modder. Het is echter geen vuil, maar geronnen bloed! Ik laat de televisie voor wat hij is en pak de EHBO-koffer voor Honden en een bakje met gekookt (en afgekoeld) water. Voorzichtig maak ik de wond schoon. Hij is duidelijk gebeten. Maar door wie? De volgende ochtend meld ik het bij de dagopvang. De eigenaar kijkt verbaasd: er is eigenlijk voortdurend toezicht. Maar ze zijn razendsnel, dus deze ruzie is er blijkbaar tussendoor geschoten. Hij zegt toe een oogje in het zeil te houden en ik vertrek naar mijn werk. Als ik me ’s avonds weer meld, glimlacht de eigenaar. ‘We kennen de dader. Wil je weten wie het is? Bandit, zijn halfbroertje!’ Mijn mond valt open. We hebben een leuk en regelmatig contact met de eigenaren én de honden. Bandit en Darwin kunnen het over het algemeen goed vinden samen. Maar blijkbaar is er nu mot. Veel meer dan duwen en trekken en af en toe een uitval is het nog niet. Maar wel even iets om in de gaten te houden. Ik bedank hem en rij naar huis. Darwin bezweert me dat hij helemaal niks deed. En dat het volledig de schuld is van Bandit. Ik denk er het mijne van. Van je familie moet je het hebben!

Sprechen Sie Deutsch?

weefhuis2

“Spreek jij Duits?”, vraagt mijn collega. Mijn “Yes” ontgaat haar. Ze moet met spoed een rondleiding op kantoor regelen. Over anderhalve dag. Op zich is dat geen probleem. We hebben collega’s die als onderdeel van hun takenpakket gasten rondleiden. Maar de groep is groot en er is maar een Duitssprekende medewerker aanwezig. Ik aarzel. Begin jaren 90 had ik een nadrukkelijke rol in de Grote Verhuizing naar het nieuwe kantoor en belangrijker: de nieuwe manier van werken. Het zit ‘m dus meer in het tweede aspect van haar vraag: de taal! De participanten zijn serieuze hoge heren. Mijn Duits zit ergens tussen Sylvie van der Vaart en Louis van Gaal in. Maar ik wil haar graag helpen. Dus na enig onderhandelen zeg ik toe. De andere collega zal het inhoudelijke verhaal doen. Ik vul aan en beantwoord vragen. Ik krijg gelijk allerlei reacties vanuit de afdeling. Of ik mijn t-shirt met Sendung mit der Maus aandoe? Om het ijs te breken. Maar het zijn Oostenrijkers, dus die link zal hen ontgaan. Of ik zenuwachtig ben? Ja natuurlijk, maar een gezonde spanning. En ik help nu eenmaal graag. Voordat ik Österreich kan zeggen, breekt het moment van de rondleiding aan. En natuurlijk valt het alles mee. Het zijn aardige dames en heren. Net als altijd zwaar onder de indruk van ons gebouw en manier van werken. Mijn Duits rammelt hier en daar, maar als je zachtjes praat, luisteren ze beter naar de inhoud en horen ze de foutjes niet. Na afloop krijg ik een welgemeende hand. De meest bijzondere vraag die mij is gesteld? We werken veel met kunst en decoratie in ons kantoor. Een van de gespreksruimtes heeft dikke touwen vanaf het plafond als afrastering (net als vroeger op school in de gymzaal). Of je daar ook in kon klimmen?!

Je moet er maar aan denken!

interpolis

We zijn een nieuwe campagne gestart: de oplossing van. Het lijkt zo voor de hand liggend. Maar je moet ‘ns weten hoeveel mensen preventieve maatregelen nemen zonder erbij na te denken. En dus ook zonder te beseffen hoeveel waarde deze ideeën kunnen hebben voor andere mensen. Bijvoorbeeld een lat tussen de schuifpui en het kozijn, zodat een slot forceren gewoon geen zin heeft. De deur gaat tóch niet open! Of helaas maar al te vaak nodig: zorg voor oppas in het huis als er een uitvaart is en het adres in de rouwadvertentie staat. We hebben nu een platform ontwikkeld waar mensen hun ideeën achter kunnen laten. Of inspiratie op kunnen doen. Je moet er maar aan denken. Om wat extra aandacht voor deze site te krijgen, sta ik vandaag in de hal van ons kantoor. En probeer collega’s tijdens de lunch te verleiden om een bijdrage te leveren. Maar het is dus écht heel druk. Als collega’s al pauzeren, gaat de tijd op aan boterhammen wegwerken en weer aan de slag. Tijd om even een tip te delen is er niet. Ik kijk het een kwartiertje aan. En hol dan naar boven. Vijf minuten later ben ik weer beneden met briefjes die ik degenen die doorlopen in de handen kan drukken. Hebben ze toch alle informatie en is de drempel gelijk een stukje lager. De uren daarna zie ik de reacties binnenkomen. Van collega’s die ik ken (en die mij kennen en weten dat er een controle volgt). Maar ook van anderen. Het werkt! Ik word er zelf helemaal blij van. Je moet er maar aan denken: de oplossing kan zo eenvoudig zijn.

Sabbatical

Darwin achterbank

Zo, dat waren een paar Dsdays-loze weken. Niet dat er niks te melden was. Maar ‘k moest gewoon even prioriteren. Erg druk op kantoor, een moeder en een hond in de kwakkelmodus en nog wat andere bezigheden. Duidelijk een gevalletje ‘nu even niet’! Maar mijn hoofd en lichaam zijn weer wat rustiger en ik denk weer in onderwerpen. Een paar uit het recente verleden en een heleboel uit de nabije toekomst. Want ook al is Facebook en Twitter een snel medium om even iets te roepen: mijn blog ben ik nog lang niet beu. En als jullie het met me eens zijn, neem dan vooral regelmatig een kijkje. Beloof ik voor weer heel wat glimlachjes op je gezicht.

Paashaasje

easter

De volwassenen gebruiken de paasbijeenkomst bij Schoonmama thuis dankbaar om weer eens bij te praten. Buiten schijnt de zon, binnen heerst gezelligheid. De kinderen spelen op de grond met een een dierentuinset die ze net hebben gekregen. Papa en mama giraffe met een kleintje, vader en moeder leeuw met Simba, een stel olifanten en zebra’s. En een soort tafelkleed waarop de hokken zijn ingetekend. Darwin zit bij hen en kijkt geïnteresseerd toe. Dan klinkt er ineens een noodkreet: “Darwin heeft de baby-lynx opgegeten!” Ik trek de deugniet aan zijn staart onder tafel vandaan en steek mijn vingers in zijn bek. Hoewel deze veel verborgen ‘zijvakjes’ heeft, vind ik niets. Ik vraag hoe groot de baby-lynx is. De afstand tussen duimpje en wijsvinger lijkt zo’n beetje op die kiezel van een paar dagen geleden. Ik vloek binnensmonds en sper nogmaals de kaken van Darwin wijd open. Pas als hij begint te kokhalzen, staak ik mijn onderzoek. Het zal toch niet!? Dan valt mijn oog op een voetje. Onder tafel! De baby-lynx is onder de stoel gevallen. Triomfantelijk houd ik ‘m omhoog. De dametjes hollen blij terug naar hun spel. Ik kijk Darwin aan. Die kijkt zeer verontwaardigd terug. En na mijn opmerking dat het eigenlijk best toepasselijk is, draait hij me nijdig de rug toe. Hij is altíjd het haasje, Pasen of geen Pasen!