Verstand komt met de jaren

Verstandskies

Ze kwamen pas op latere leeftijd in beeld. Een voor een, eigenlijk zonder al teveel problemen. De eerste, begane grond links, vertrok echter weer redelijk snel. Praatjes vullen geen gaatjes bij dat soort lui. De allerlaatste zit rechts op de eerste verdieping. Dat is een lastige. Altijd drammen, duwen, grote mond. Af en toe een pittig gesprek houdt ‘m in toom. Maar een lekkere jongen zal het nooit worden. Een jaar geleden constateerden we burenoverlast. De buurman had duidelijk moeite met die verveeloor. Hij vertoonde tekenen van hoge stress. We besloten het nog even aan te zien, kijken of ze er samen uit zouden komen. Maar helaas. Een half jaar later zit de buurman nog heviger in het nauw en tegen een burnout aan. En dus komen we in actie. Hij weet het nog niet. Maar komende vrijdag staan we op de stoep met een uitzettingsactie. Geen excuses, geen pardon: d’r uit! Hij heeft genoeg kansen gehad. Wie niet horen wil, moet maar voelen. Opgeruimd staat netjes. Nog even de kiezen op elkaar.

Advertenties

Worldwide

20130727-223627.jpg

Ik was een jaar of 12. En wachtte samen met mijn moeder in de rij voor de telefoon op de camping. Met een handvol Franse Francs even naar huis bellen. Ze vlogen er doorheen. Soms zo snel dat de verbinding al was verbroken voordat je afscheid had genomen. En als je een brief of een kaart stuurde, kwam die na vier weken aan. Vroeger. Nu gaat dat heel anders. Er staat nog steeds een standaard met ansichtkaarten op de balie van ons wintersporthotel. Of er ooit gebruik van wordt gemaakt, weet ik niet. Net heb ik even gewhatsappt met een collega. Hij is met z’n gezin onderweg naar Yosemite. Wij waren daar in 2008. Het is er negen uur vroeger. De dag is bij hen net begonnen. Dankzij het World Wide Web kan ik nog wat tips geven voor straks. De foto’s zie ik morgen wel op Facebook. En net voor ik in slaap val, denk ik ‘What a wonderfull world!!’

Verhit

The-Heat-is-On-movie-review

‘Ga je mee naar de ladiesnight van Pathé?’, vroeg ze. ‘Ja, lijkt me leuk!’, antwoordde ik. Onze plaatselijke bioscoop organiseert regelmatig een avond alleen voor dames. Ze draaien dan een ‘typische vrouwenfilm’ die nog niet in première is gegaan en verfraaien de bijeenkomst met een welkomsdrankje, een hapje tijdens de film en een goodiebag na afloop. Dit keer staat ‘The Heat’ met Sandra Bullock en Melissa McCarthy op het program. Op de afgesproken tijd treffen we elkaar in de hal. We krijgen een Stender, een alcoholarm biertje, dat in elk geval dorstlessend is. We slenteren langs een paar kraampjes met make-up en tassen. En vergapen ons aan een stoelmassage (alsof je lekker relaxt zit met ruim 1000 kwetterende dames om je heen) en een wervende promotie voor paaldanslessen. Dan gaan de deuren open en mogen we naar binnen. Een jongen met een gouden jas vertelt ons enthousiast dat er een verrassingsact vóór de film komt. Het licht gaat uit en een volgspot dwaalt door de zaal … En eindigt bij een Coca Cola Light-jongen die zichtbaar zenuwachtig is voor een zaal vol gierende vrouwen. Hij maakt wat dansbewegingen met een stoeltje en vraagt vervolgens een meisje uit het publiek om plaats te nemen. Dan blijkt de ware bedoeling van zijn aanwezigheid: een stripper. Een echte! Tenenkrommend maar geïnteresseerd kijk ik naar zijn optreden. Het is te gênant voor woorden en we fluiten en joelen vooral ter ondersteuning van het slachtoffer. Na tien minuten is het over en begint de film. Die is de moeite van het bekijken gelukkig wel meer dan waard! Na mijn vriendin hartelijk te hebben geknuffeld als dank voor een gezellige avond, loop ik naar mijn fiets. Daar staat het bewuste meisje na te praten. Ik complimenteer haar voor haar volharding: ik was allang weggelopen! Ze lacht en zegt dat zij het gelukkig allemaal niet hoefde te zien (ze was gedeeltelijk geblinddoekt). Bovendien stelde de jongen haar gerust dat wat ze voelde allemaal nep was. Ik wens haar nog een fijne avond en rijd naar huis. There’s no business like showbusiness. Maar hier kan ik echt niet warm voor lopen!

Vierdaagse

vdaags

Het staat al een aantal jaren ergens bovenaan mijn ‘bucketlist’: de Nijmeegse Vierdaagse lopen. Omdat het me keigezellig lijkt. En omdat ik benieuwd ben of ik me staande, of liever lopende houd. Tot nu toe is het er nog niet van gekomen. Maar we hebben min of meer onze ogen gericht op volgend jaar. En dus leef ik dit jaar nog iets enthousiaster mee met de lopers, waaronder twee collega’s. Via Facebook wordt het thuisfront op de hoogte gehouden van de gepasseerde meetpunten, de algehele conditie en het aantal blaren. Vooral vandaag was het kiezen op elkaar en doorbijten. Waar mogelijk, ondersteun ik hen met ludieke acties. Een ‘wave’ (door mijn broer gelijk afgedaan als “prehistorisch” maar wel doeltreffend), afleidende zakelijke futiliteiten ter bevordering van het relativeringsvermogen en opbeurende woorden tijdens moeilijke momenten. Voor mij een leuke bezigheid, door hen bijzonder gewaardeerd. Maar het intense meeleven heeft ook een keerzijde: kan ik het wel, zoveel kilometer achter elkaar wandelen? Elke dag om 4 uur of om 6 uur (afhankelijk van gekozen route) wakker en aan de start? En vooral: stort ik niet zielig en jankend langs de kant van de Zevenheuvelenweg in elkaar, hierdoor een erbarmelijk figuur slaand ten overstaan van alle toeschouwers? Gelukkig heb ik nog een hele tijd om me voor te bereiden, geestelijk en lichamelijk, voordat ik een besluit moet nemen. En ach, een lege ‘bucketlist’, daar zit toch ook niemand op te wachten!

Vakantie

20130715-221216.jpg

We hadden best een erg druk weekeinde. Aardbeien en bessen plukken, verjaardagsfeest van Manlief met de (schoon)familie, twee logees en een verrassingsfeest voor mijn ex-aanstaande schoonmoeder die 80 is geworden. Tussendoor de gebruikelijke zaken en voorbij is je weekeinde. Vandaar dat ik Manlief had voorgesteld om een vrije dag te nemen. ‘Even profiteren van het feit dat het zulk lekker weer is!’ Hij ging gelijk akkoord. En zo sliepen we lekker wat langer. Ontbeten op het terras. Hielden een kleine pauze om met de auto naar de garage te gaan cq te stofzuigen. En genoten verder van het terras, het zwembad, een ijsje en Franse muziek. Ook het avondeten werd buiten genuttigd. Toen Manlief me na het ondergaan van de zon vroeg of ik een leuke dag had gehad, mompelde ik slaperig: ‘Het was een heerlijke vakantie!’ Het is maar net hoe je het bekijkt!

Aardbeien

20130714-091854.jpg

Het is weer jaarlijkse plukdag. Ditmaal zonder schoonouders. Door het koude weer is de oogsttijd een stuk naar achter geschoven. En zitten zij al in Frankrijk. Maar de (schoon)-/(klein)kinderen en hond laten zich daardoor niet tegenhouden. Vele handen maken licht werk en we hebben jaren geoefend. Wel verzoek ik de aanwezigen dringend om het hekje goed dicht te doen. De omgeving zit vol interessante geurtjes voor een Beagle van bijna anderhalf. Het werk vlot goed: we plukken, praten, rissen bessen en snoepen van het fruit. De kinderen spelen met kikkervisjes en Darwin geniet van de vrijheid. Letterlijk blijkt even later, als het hekje toch ineens open staat en er geen spoor van hem te bekennen is. We roepen en fluiten en rammelen met brokjes. Dan ineens komt hij aanrennen, van helemaal achteruit het aardbeienveld. Zijn bek is rood en hij heeft een heel blije blik in zijn ogen. Beagles zijn gek op fruit, dat wist ik al. Maar dat ze een aanvulling van het plukteam konden zijn, daar was geen rekening mee gehouden!

Een shop onder hun kont

social-hub

We hebben een hub op kantoor. Een echte! Een plaats waar collega’s zich bezig houden met het reageren op berichten in de Social Media over ons bedrijf. Gelukkig zijn de meeste positief ingestoken. En de minder leuke reacties wijzen we de weg naar een schadebehandelaar, de klantenservice of ons klachtenproces. De hub bestaat nog niet zo heel lang. En de collega’s die daar actief zijn, hadden geen kans om hun grote vakantie op elkaar af te stemmen. Dus nu val ik een paar weken in. Het is echt leuk werk, je wordt vrolijk van het enthousiasme als iemand blij is dat een zonnebril toch onder de dekking blijkt te vallen en wordt vergoed. Of dat een door ons georganiseerd evenement mede door het heerlijke weer in goede aarde is gevallen. Er is slechts één ‘maartje’. De locatie van de hub in het kantoorpand. Vroeger zat daar Het Orakel. Oftewel: je kon er voor alles met alles terecht. De bijbehorende collega’s zijn verhuisd. Er is veel over gecommuniceerd. En het uiterlijk van de hub is compleet anders opgezet. Maar we zijn nu een paar maanden verder. En het is nog steeds aanschuiven: ‘Ik wil graag een paar maaltijden bestellen’, ‘Heeft u voor 12 juli nog een vergaderruimte?’, ‘Er is hier een pakketje voor mij afgegeven’ en ‘Ik zeg het maar even: het printerpapier is op in de vleugel’. Natuurlijk blijf ik vriendelijk en beleefd. Het zijn tenslotte collega’s. Maar er is ook nog zoiets als ‘onverschillig’ en ‘desinteresse’. Ik houd me voor dat de achttiende collega niet weet dat er zeventien collega’s voor hem waren met een soortgelijke vraag. En dat ik hem of haar dus niet mag afsnauwen omdat diezelfde zeventien collega’s niet de moeite hebben genomen om het intranet te lezen. Maar het is verleidelijk. Gelukkig schijnt de zon. En heb ik in de middagpauze samen met een bevriend collega een lunchwandeling gemaakt, waarbij we het alleen maar over hun komende reis naar de USA hebben gehad. De zon schijnt nu ook in mijn hoofd. Maar de eerstvolgende die vraagt waar de IT-shop is, die krijgt een shop onder z’n kont! Is er tenminste iemand die het nooit meer vergeet!