Fijne dag

fijne-dag“Ik moet verdorie half Nederland door om op mijn werk te komen!”, foetert Manlief niet zo heel erg in stilte. Aan de andere kant van de lijn glimlach ik. Met een reistijd van vijf kwartier heb je standaard al zo’n kwart van ons land te pakken. Maar hij heeft gelijk: de omweg die hij nu moet maken, is een stevige. Ik antwoord dat ik onverwachts in de stad moet zijn waar hij normaal overstapt. En dat hij naar me kan zwaaien, want ik ben vlakbij het station. Hij moppert nog even door over een trein die pas over tien minuten vanaf perron 4 vertrekt en dat hij allang achter z’n stapel werk had willen zitten. En verbreekt dan met een korte groet de verbinding. Als ik het station binnen loop, neem ik gelijk de trap naar perron 4. Ik loop langs de Sprinter en kijk naar binnen, net zolang tot ik Manlief zie zitten. Hij heeft z’n hoofd gebogen over een boek, muziek op z’n oren en een frons op z’n gezicht. Ik open de deuren, loop naar binnen, geef hem een stevige kus en draai me lachend weer om. Hij kijkt nu in elk geval een stuk blijer! Ik zwaai nog een laatste keer en loop dan terug naar de ingang, waar mijn afspraak waarschijnlijk al staat te wachten. “Ga je niet mee?”, vraagt een conducteur met een grijns. Ik schud mijn hoofd: “Vandaag niet, maar ik wilde even mijn echtgenoot een fijne dag kussen.” Nu lacht hij breeduit: “Dat is vast gelukt met zo’n leuke vrouw! Jij ook een fijne dag!” En dat is het. Een fijne dag. En hij is pas net begonnen.

Advertenties

Fluisteren 

Elke zondag krijg ik een mail van hem, vol met tips en adviezen. En vele daarvan heb ik met succes in praktijk gebracht. Dan zie ik een aankondiging. Hij gaat op tournee en doet onder andere Amsterdam aan. Ik kijk naar de prijzen. Twijfel. Kijk nog een keer. En boek dan een plaats op rij vijf. De maanden verstrijken en de datum komt steeds dichterbij. Eindelijk is het zover. De hele HMH zit vol hondenliefhebbers. Als Cesar Millan het podium opkomt, gaat het dak er al gelijk af. Hij presenteert met humor. Vertelt over z’n BFF Daddy. Waarom de mensen hem Dogwhisperer noemen. En leert de aanwezigen dat je een hond vooral een hond moet laten zijn om er zoveel mogelijk plezier aan te beleven. Hij verwelkomt een aantal ‘probleemhonden’ met hun eigenaar op het podium. Ze vertellen wat er aan de hand is. En Cesar doet waar hij goed in is. Hij vertoont z’n magie. Ik zit op het puntje van mijn stoel. Merk nauwelijks iets van de duizenden mensen om me heen: heb alleen oog voor die kleine man en z’n ideeën. Als de show voorbij is, rijd ik terug naar huis. Manlief wacht me op en luistert naar mijn opgetogen verhalen over hoe geweldig het was. Ik probeer wat ik heb geleerd uit op een slapende Beagle (aanrader!) Ver na middernacht kruip ik onder de dekens. De volgende ochtend sta ik met kleine oogjes bij de bakker. ‘Was het leuk?’, vraagt ze op fluistertoon. Ik knik enthousiast. ‘Als wat was je verkleed?’ Even kijk ik haar niet begrijpend aan. Dan valt het kwartje. Het is Carnaval in het zuiden. Ze denkt dat ik een wilde avond achter de rug heb. Ik grinnik. Wild enthousiast was het zeker. En nagenieten loop ik terug naar huis. 

Spoedgeval 

Hij maakt me wakker, klaaglijk jankend. Kruipt tegen me aan, maar als ik ‘m aanraak, deinst hij terug. Ik mag wel naast ‘m zitten. Ineens braakt hij een golf slijm uit. Even zucht hij, komt nadat ik de boel heb opgeruimd naast me liggen. Maar nog geen uur later herhaalt de situatie zich. En weer een uur later opnieuw. In de tussentijd loop ik met hem op straat. Darwin is hondsberoerd. Om half vijf zit ik met de telefoon in mijn handen. Wat is de definitie van een spoedgeval? Iedereen voelt zich wel eens ‘niet lekker’ zonder gelijk de huisarts in te schakelen. Toch? Maar als ik bloed in z’n poep zie, is de maat vol. De dierenarts heeft niet lang nodig voor z’n diagnose: een forse darmontsteking en hoge koorts.  We krijgen antibiotica mee, en adviezen en dieetvoedsel. De dag draait om uitlaten en kleine porties eten. De nacht duurt lang en vliegt voorbij: hij voelt zich verschrikkelijk. Na een paar dagen zien we gelukkig wat verbetering. Hij is nog steeds heel tam en onnatuurlijk rustig. Maar hij eet weer als vanouds. En ook de spijsvertering werkt van voor naar achteren. Alleen z’n ogen staan flets en hij heeft niet z’n gebruikelijke praatjes. Vanavond zit ik op de bank en kijk naar het journaal. Ineens staat hij voor me. Met een speelgoedbeest. Of ik wellicht zin heb in een partijtje ravotten? Opgelucht haal ik adem. Er valt een denkbeeldige steen van mijn hart. Vannacht zal ik eindelijk rustiger slapen. Maar eerst geef ik ‘m een heel dikke knuffel. Het komt wel weer goed. Tot het volgende spoedgeval. 

Een koe is om te knuffelen

img_1066Stel je voor: twee vriendinnen. De ene is gek van koeien. De andere vindt ze ‘best spannend’. En dan is die ene jarig. Waarop de andere denkt: ‘Dat gaan we op een heel speciale manier vieren!’ Dus zo geschiede. Ze worden ontvangen met thee en koe-k. De overall en laarzen staan al klaar, net als de ‘traditionele hoofddoek’. Lachend kijken ze elkaar aan. Dan is het zover: een koe laat je niet wachten. Om een beetje te wennen, maken ze eerst kennis met een kalfje van net een dag oud. Vertederd zien ze de kleine oortjes en de natte ogen. Zo lief. De volgende stal toont vier exemplaren van een paar weken oud. Ze moeten nog wennen aan het knuffelen, net als de dames zelf. De buurvrouwen zijn al een stuk toeschietelijker: enorme tongen worden richting de vriendinnen uitgestoken. ‘Zo begroeten ze je’, vertelt de gastvrouw. ‘Je kunt aan de oren en ogen zien of ze knuffelig gestemd zijn: de oren moeten naar achteren gericht zijn en de ogen naar jou.’ De vriendinnen leren veel. De werking van een melkcomputer, de draagtijd van een koe (negen maanden) en het feit dat moeder en kalfje gelijk gescheiden worden. Dat klinkt zielig, maar valt in de praktijk wel mee. Ze zijn het al na een paar dagen helemaal vergeten. Dan is het tijd voor het echte werk. Een stal met 120 koeien ‘normaal formaat’, Voorzichtig lopen ze tussen de dieren door. Sommige staan, andere lopen en een paar liggen. Je kunt voorzichtig bij ze gaan zitten en je dan langzaam laten zakken. Een enorm groot, lekker warm (39 graden) kussen. Het is best een dingetje, hoor. Maar ze laten zich niet kennen. En het went ook snel. Het laatste uurtje spelen ze met de kalfjes. Deze worden steeds toeschietelijker en ook ondeugend. De foto’s laten ontspannen en lachende gezichten zien. Als de laarzen zijn schoongespoten en de overalls in de wasmand liggen, blikken ze terug op hun ervaringen. De ene vriendin is nog veel doller op koeien geworden. En de andere vriendin is helemaal over haar angst heen. Ze beloven zeker nog eens terug te komen. Want koeknuffelen is koe-l!

Grumpy

grumpyEr wordt aangebeld. Slaapdronken kijk ik op de wekker: net half vijf. Het gebeurt wel vaker, vooral richting Carnaval. Belletje trekken. Ik draai me om en op dat moment wordt er weer gebeld, wat nadrukkelijker dit keer. Nu worden ook de heren wakker. Als er nog een bons tegen de deur volgt, springt Manlief uit bed met mij in zijn kielzog. Er staat inderdaad iemand voor de deur. Darwin holt kwispelend naar beneden, volledig afgekeurd als waakhond. En terwijl Manlief hem behoedzaam volgt, heb ik mijn telefoon met 112 in de aanslag. Door de deur heen vraagt Manlief wat er aan de hand is. Er wordt gesnauwd dat meneer graag naar binnen wil om een taxi te bellen. Het is niet koud. Het regent niet. Hij oogt niet dronken. En als je weet hoeveel mobieltjes er in omloop zijn, is de kans klein dat meneer geen voorzieningen heeft die het bellen van een taxi ook buiten onze woning mogelijk maken. Manlief antwoordt dus dat hij niet naar binnen mag en of hij zo vriendelijk wil zijn om te vertrekken. Met nog een trap tegen de deur, voldoet de man aan het verzoek. Vanachter het raam zie ik dat hij nog even besluiteloos bij de stoeprand blijft staan, een paar stappen richting onze voordeur doet en dan toch maar richting het centrum loopt. Oef! De resterende tijd tot de wekker gaat, slapen we niet echt, alert op mogelijke gevolgacties. Maar het blijft rustig en we komen met de schrik vrij. Gelukkig. Als ik later die dag met een collega terugblik op de gebeurtenis, schiet ik ineens in een onbedaarlijke lach. De tranen rollen over mijn wangen! Want ik begrijp waarom de onverlaat afdroop. De meneer kon namelijk door het ruitje in de deur naar binnen kijken. Heeft waarschijnlijk onze aandoenlijke Beagle gezien. Maar ook mijn op dat moment behoorlijk geïrriteerde echtgenoot. In z’n nieuwe Disney-pyjama. Met Grumpy op de voorkant, die nadrukkelijk laat weten niet gestoord te willen worden in zijn slaap. Of anders … Daar kan geen waakhond tegenop!

Valentijnsdag 

“Wat is jouw inlognaam voor Greetz?” Afgeleid kijk ik op van mijn werkzaamheden. Darwin kijkt me ongeduldig en enigszins dwingend aan. “Euh, weet ik zo niet”, zeg ik. “Volgens mij dezelfde als je Facebook-account. Hoezo?” Hij geeft geen antwoord; zit alweer geconcentreerd achter z’n iPad. Ik schud mijn hoofd en ga verder met mijn bezigheden. Als ik ‘m even later met mijn pinpas en de reader zie lopen, frons ik even mijn wenkbrauwen. Maar je moet ze op een bepaald moment loslaten, ze hun eigen weg laten vinden. Dus ik knijp een oogje dicht. Een dag later. Ik zie een enthousiaste reactie van een van z’n vriendinnetjes op Facebook: “Dank je wel voor je kaart, lieve Darwin!” Aha! Meneer speelde voor Valentijn gisteren! Dan belt de buurvrouw: “Luzz is helemaal door het dolle heen. Een heuse Valentijnskaart van haar verloofde!” En als ook mijn moeder appt dat Sydney zo blij is met een kaart van Darwin, roep ik Mr Love even bij me. Hij hoort me aan. En knipoogt. Antwoordt dat vrouwen het nu eenmaal leuk vinden als je ze wat aandacht geeft. Waarna hij weer lekker voor de kachel kruipt. Mij in stomme verbazing achterlatend. 

La Grande Finale Disney

We worden wakker en bereiden ons voor op de laatste dag van het verjaardagsfeest. Als de koffers in de auto zitten en de sleutels ingeleverd, lopen we naar de ontbijtzaal. Het geroezemoes is al van ver te horen. En komt te snel dichterbij: er staat ondanks het spreidingsplan een rij van ruim een half uur. Zonde van de tijd! We lopen door naar Disney Village en eten een heerlijke croissant met koffie bij Starbucks. Dan sluiten we aan voor de entree van het filmpark. Ook hier wordt mijn moeder uitbundig gefeliciteerd: de button werkt nog steeds. Omdat Ratatouille helaas alweer een technische storing heeft, duiken de heren de supersnelle achtbaan in en gaan de dames met de kinderen naar Slinky Dog, een draaimolen. Na tien minuutjes zijn we er klaar voor … maar hij wil niet meer! We krijgen een kaartje dat we terug mogen komen wanneer we maar willen. Maar nu even niet dus. Het is zondag dus de wachttijden lopen snel op. We lopen wat rond en genieten. De kinderen kiezen met heel veel moeite een knuffel: Dory en Knabbel & Babbel. Dan is het tijd voor het slotstuk: een lunch Chez Rémy, de chefkok uit Ratatouille. Met een heuse en zalige verjaardagstaart en alweer Happy Birthday door de medewerkers. Het zit het er nu echt op. We zwaaien nog een keer naar Goofy en lopen met een op wolkjes zwevende moeder terug naar de auto. Die nog heel lang gaat nagenieten. En wij ook!