Day after tomorrow

Net terug uit de bioscoop en er nog helemaal vol van: The Day after Tomorrow. De film kwam uit net voordat wij naar New York gingen. We hoopten stiekum dat hij in het vliegtuig vertoond zou worden (achteraf maar goed dat dit niet het geval was). In New York zag je overal billboards met het vrijheidsbeeld, overspoeld door water. Maar we bedwongen de verleiding, want we hadden met een hele club vrienden voor vandaag afgesproken. Negen weken na de premiere, met heerlijk weer buiten, zaten er in totaal 18 mensen in de bioscoop. Maar wat een film!!!! Geweldig! Ik kan maar een ding zeggen: als je ‘m nog niet hebt gezien, ga gauw!

Godsgeschenk

‘Lieverd, weet je wat mijn naam betekent? Godsgeschenk!’ Hoewel ik er zelf niet verantwoordelijk voor ben, kijk ik ‘m toch trots en enigszins verwaand aan. ‘Dat wist ik allang, het klopt namelijk!’ was zijn antwoord. Mijn Verloofde gelooft niet in God. Dus dit keer dacht ik ‘m klem te hebben. ‘Ha, hoe kan dat nou!? Je bent blij met een cadeautje van iemand waarin je niet gelooft? Dat kan helemaal niet!’ Vastberaden knikt hij. ‘Jawel, hoor!’ Als ik ‘m afwachtend aankijkt, vervolgt hij: ‘Op 5 december ben ik immers ook blij!!’ Met een diepe zucht neem ik me heilig voor het te blijven proberen: hem een keer te Snel af te zijn!

Kauwgum

Floppy was niet happy. Hij bleef maar een een pootje liggen en knagen. Om hem heen was alles natgekwijld en er lagen witte sliertjes. Wat bleek? Hij had in de kauwgum getrapt! En die zat nu stevig vastgesmolten tussen zijn kussentjes. Hij heeft normaalgesproken al een broertje-dood aan het knippen van de haren op en onder zijn pootjes, maar er was nu geen redden meer aan. De schaar werd gepakt en lijdzaam onderging hij de ‘operatie’. Even later huppelde hij opgelucht weg, maar je zag ‘m denken: ‘wie gooit er nou toch kauwgum op straat!!’

KPN

Het is lange tijd stil geweest rondom KPN. De laatste keer dat ik een klacht heb ingediend, dateert alweer van februari. Maar er borrelt nu toch iets. Vorige week kreeg ik namelijk de rekening van mijn mobiele telefoon. Standaard zit daar een folder bijgesloten met acties en wetenswaardigheden. Ik kijk er altijd vluchtig doorheen. Maar ditmaal hadden ze echt een leuke actie: voor elke minuut die je tijdens je vakantie in het buitenland belt, krijg je een Nederlandse minuut gratis. Ik heb nogal wat gebeld vanuit Frankrijk. Dit was dus een welkome meevaller. Totdat ik de kleine lettertjes las: vooraf aanmelden. Onze vakantie zit er al op. De vreugde om een goede actie van KPN ook.

Slaaphouding

Vanavond was het weer ladiesnight, het etentje van mijn moeder, haar dochter (ik dus) en schoondochter waarbij we eindeloos bijkletsen over van alles en nog wat. Vanavond hadden we gekozen voor een Grieks restaurant. Heerlijk om alvast een voorproefje op onze huwelijksreis te nemen. Gaandeweg kregen we het over slaaphoudingen. De slaaphouding van zowel mijn schoonzusje en broer als van mijn Verloofde en mij is los van elkaar. Mijn moeder keek ons stomverbaasd aan. ‘Je vader en ik sliepen altijd 44 en dat was heerlijk’. Mijn schoonzusje keek me aan. ‘Heb jij daar ooit van gehoord? Of bedoelt ze soms 69?’ Schaterend vroegen we om uitleg. Bleek dat ze gewoon lepeltje-lepeltje bedoelde!! Je bent nooit te oud om te leren!!

Goed doel

Mijn moeder stuurde ‘m ‘zonder verplichtingen’ toe: een aandoenlijk verhaal over iemand die in financiele nood zit en waarvoor door kennissen een actie is gestart. Geld is meer dan welkom en het wordt aan de geadresseerden overgelaten om de brief door te sturen aan andere potentiele donateurs. Maar tot mijn grote verbazing weet ik dus eigenlijk niet wie hiervoor binnen mijn vriendenkring in aanmerking komen! Niet dat mijn vrienden egoistische horken zijn of zo, maar we praten nooit over ons gevoel en gedrag op dat specifieke gebied. Ik heb een aantal goede doelen die eenmalig of regelmatig een bedrag ontvangen. Maar ik loop er niet mee te koop. Zo ook mijn vrienden niet. Blijkbaar is er een gevoelige relatie tussen privacy en goede doelen.

Toon

We kwamen kletsend binnen en legden wat spulletjes bij onze werkplek. ‘Kom, eerst koffie’, zei ik. ‘Wil jij ook?’ Het was nog vroeg, dus ik wilde voor de overige drie collega’s ook meteen wat halen. ‘Wat wil jij?’, vroeg ik aan een mannelijke collega. ‘Nou, als je het zo vraagt, durf ik niets meer te zeggen!’ Verbaasd keek ik hem aan. Ik was me totaal niet bewust van een humeurige toon. Maar volgens hem had het zelfs bijna agressief geklonken! Bij een andere collega, die aan het bellen was tijdens het ‘incident’, pakte ik het dus anders aan. Poeslief vroeg ik of ik iets te drinken kon halen voor hem. Argwanend keek hij me aan: ‘Hoezo, heb je iets van me nodig of zo?’ Werkelijk, mannelijke collega’s, ik zal ze nooit begrijpen!