Pruimenjam met een tikkie

Sinds ik ooit van mijn BonusSchoonmoeder leerde hoe ik jam kon maken, ben ik helemaal verknocht. De eerste jaren hield ik me braaf aan de bessen- óf aardbeien-variant. Om me vervolgens een keer helemaal te buiten te gaan aan bessenaardbeienjam. En toen mijn schoonzusje verhuisde naar een huis met een aantal pruimenbomen in de tuin, kon ik mijn geluk niet op. Het ene na het andere experiment ging in de potjes, die ik het hele jaar door verzamelde. En de inhoud ging er net zo snel weer uit: heerlijk. Er was eigenlijk maar één terugkerend aandachtspuntje: ik kreeg het niet op. Niet in mijn eentje! Manlief houdt niet zo van zoetigheid. Zelfs de door mijn smaakpapillen nadrukkelijk onderbouwde bewering dat de jam ‘licht zurig’ was, kon hem niet verleiden. Dus ik begon uit te delen. Kocht kleurrijke etiketten (het oog wil ook wat) en verzon zeker zo kleurrijke namen: Frambeienjam (want Aardbozenjam had zo’n nare bijsmaak), Beiberbessenjam en de alom gewaardeerde Pruimgemmarijnjam. Op internet struinde ik allerlei websites af naar nieuwe smaakcombinaties. Vandaag bereik ik een heuglijke mijlpaal. De gisteren bij mijn schoonzus en zwager geplukte gele pruimen zijn voorzien van een handvol rozijnen, een vleugje gember en kaneel en een scheut rode port tot jam omgetoverd. De smaak is spectaculair lekker. Het proeven een feestje! De eerste aanvragen voor een potje zijn al ontvangen. En ik verheug me nu al op hun gezicht na die eerste hap.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s