La douce France

“Jij zit nu aan het hoofd van de tafel, als enige man van dit gezelschap”, zegt mijn schoonmoeder resoluut tegen Manlief. Ik slik even. De eerste keer zonder mijn schoonvader in la douce France is confronterend. Je kunt hem hier op zoveel plekken uittekenen. Maar het leven gaat verder. Dus neemt Manlief plaats op zijn vaders stoel. Haal ik ‘s ochtends baguettes en croissants. En bekijken we op YouTube een instructievideo hoe we de zwembad-stofzuiger moeten bedienen. Dan, halverwege de middag, betrekt de lucht en koelt de buitentemperatuur af. De radar voorspelt een verfrissende bui, die mogelijk tot morgenavond duurt. Daar zitten we helemaal niet op te wachten. Maar dan steekt de wind op. De wolken worden weggeblazen en een prachtige avondzon verschijnt. Ik glimlach en knipoog naar boven. Dank je wel, schoonpapa. We maken er het beste van samen.

Non, désolé

Een fractie van een seconde is genoeg om het beeld haarscherp op mijn netvlies te branden. Een ree, tegen de middenberm, haar blik gericht op haar bebloede achterpoot. Onthutst zoek ik de ogen van Manlief via de achteruitkijkspiegel. Ze leeft nog, terwijl het Belgische verkeer langs haar raast! Ze heeft hulp nodig en snel. Gisteren heb ik de ANWB-vakantieapp gedownload. Als ik deze open, verschijnt er gelijk een pop-up: ‘Klopt het dat u in België bent? Dit zijn de lokale noodnummers en uw locatie.” Handig! Ik druk op ‘politie’ en hoor “Vous êtes transféré, veuillez tenir la ligne s’il vous plaît.” Merde, we zijn in de buurt van Namen, oftewel Franstalig België. En het is een tijdje geleden dat ik die taal sprak. Dus het eerste wat ik zeg als er wordt opgenomen, is: “bonjour, parlez-vous Néerlandais?” Maar helaas: “Non, désolé”. Ik haal een keer adem en begin in roestig Frans uit te leggen waar op de A4 we ons bevinden als ze me onderbreekt. Of ik wil melden dat er een dier op de rijbaan ligt? Opgelucht beaam ik dat dit inderdaad de reden van mijn telefoontje is. Het blijkt al gemeld, ze zijn onderweg. Of ik voor de zekerheid het hectometerpaaltje heb gezien? “Qui, près de cent seize”, antwoord ik vlot. En in de richting van Luxemburg? Ook dat beaam ik. Ze bedankt me en wenst me nog een fijne dag toe. Even later zien we aan de overkant een politie met zwaailicht voorbij razen. En ondanks het nare beeld maak ik mezelf wijs dat het met het hertje wel goed komt. Merci à la police locale Belge qui à réfléchi avec un touriste Néerlandais! En de ANWB met de praktische vakantieapp.