Vacature

“Deze vacature vind je wellicht interessant”. Ik kijk met een half oog naar het acht uur-journaal en met de rest naar mijn e-mails. Ergens staat blijkbaar een vinkje bij LinkedIn dat ik ‘op de markt’ ben. Wat niet zo is. Dan zie ik de naam van het bedrijf. Nu volg ik het journaal niet langer. Wat grappig! De organisatie waar ik mijn carrière ooit begon, heeft een vacature. Ik startte er recht uit school als parttime Marketing & communicatie-assistente. Had een eigen kantoortje! De Marcom-manager was een oudere heer: hij rookte stevige sigaren in zijn sjieke kantoor naast het mijne. Dat mocht toen nog. Het hoofdkantoor stond in mijn woonplaats, met nog een vestiging in Terneuzen en een vlakbij Antwerpen. Ik vond het allemaal machtig interessant. Namen doemen op. Die van de eigenaren, twee broers. Het bedrijf zat al vanaf zeventienhonderdnogwat in de familie. De directeuren: een zachtaardige en een met een niet te missen aanwezigheid. De jongens van Uitvoer. De kantinedienst. Het ‘nieuwe’ logo dat ik mee mocht bepalen en wat ze nog steeds voeren. Ik glimlach. Ik heb er maar een jaar gewerkt. Een fulltime functie behoorde niet tot de mogelijkheden, dus ik zocht en vond een andere baan. Maar hield er een van mijn beste vriendinnen aan over en een heleboel herinneringen. Dan zie ik de functie waarvoor een vacature is gesteld. Nu lach ik hardop. Marketing & Communicatie Adviseur! Ik heb het prima naar mijn zin in mijn huidige job. Maar wat zou het een geweldige stunt zijn geweest als ik op deze baan zou worden aangenomen: na dertig jaar promotie maken!

Advertenties