Jong van geest

Als ik in alle vroegte naar het uitzetten van de gondels kijk, zie ik dat ze het aantal gehalveerd hebben. Dat voorspelt niet veel goeds voor de kwaliteit van de sneeuw. Ik heb de pistes bijna voor mij alleen om deze tijd van het jaar. Zo tot aan de lunch is het goed te doen, maar daarna verandert het razendsnel in natte pap. Afgelopen nachten vroor het nog een paar graden, maar volgens de voorspelling is dat nu ook voorbij. Daar spelen ze blijkbaar al op in. Bij het ontbijt besluiten we om naar een gebied hier in de buurt te rijden, waar de pistes hoger liggen. Mijn skipas geldt ook voor de omliggende ¬†gebieden, maar die van mijn moeder biedt slechts toegang aan onze pistes. Ik loop dus naar de kassa en koop een dagkaart voor haar: ‘Einmal senior, bitte.’ De dame kijkt me aan en vraagt dan vriendelijk om mijn paspoort. Even begrijp ik haar niet, dan schiet ik in de lach. Ik wijs naar mijn moeder, die een stukje verderop Manlief helpt met het uitladen van de skies. ¬† ‘Die Karte ist fur sie. Sie ist 75 Jahre.’ Dan lacht ook de dame. Ze verontschuldigt zich en zegt dat ze al twijfelde. Ach. Normaalgesproken word ik veel jonger geschat. Een keertje 14 jaar ouder lijken, is weer eens iets anders.