Heimwee

dsc_1062Mijn moeder en mijn broer brachten ons naar Schiphol. Hoe dichterbij we kwamen, hoe meer praatjes Manlief kreeg en hoe stiller ik werd. Meestal is het precies andersom. Maar in de aanloop naar onze verre en lange reis viel het niemand op. Broer parkeerde de auto en pakte de koffers uit de achterbak. Op dat moment braken de tranen door. Ik wilde helemaal niet meer naar de Verenigde Staten om de herfstkleuren te bewonderen. Broer reageerde nuchter: ‘Ik wil nu hier ter plekke je plaats innemen, hoor!’ Het is dat het alleen praktisch al niet mogelijk was, want ik had het gedaan! Natuurlijk zette ik door. Liep huilend door de vertrekhal en blééf zwaaien, totdat we allang door de douane heen waren. En uiteraard kwam het allemaal goed en beleefden we een prachtige tijd aan de andere kant van de oceaan. Zodra we thuis waren, begonnen de dromen en voorbereidingen over de volgende reis. Die werd een paar keer uitgesteld door omstandigheden. Maar kwam toch steeds dichterbij. Nu nog een weekje. Dan begeven we ons as we speak over de startbaan. Ik zie de bagage in de logeerkamer groeien. Telkens als ik aan iets denk, leg ik het daar neer, zodat het niet kan worden vergeten. En dan, dan kijkt Darwin me aan. Komt dicht tegen me aan zitten en legt z’n hoofd op mijn schouder. Zucht zachtjes maar duidelijk hoorbaar. Daar gaan we weer. Manlief slaat z’n armen om me heen. Snapt het niet helemaal: hij telt de minuten af. Maar de knoop in mijn maag groeit en groeit. Afscheid nemen is niet mijn ding. Ook niet voor even. Ook niet voor een geweldige vakantie. De beste plaats om heimwee te hebben is thuis. Ik heb nog een week alle tijd.