Salutjes uit Maassluis

Tevreden blik ik terug op de afgelopen week. De drukte was houdbaar voor de verandering. Er was voldoende op te pakken, over te nemen, bij te lezen en af te ronden. Maar met het idee dat ik mijn agenda en activiteiten onder controle had. Mijn collega, het enige andere overgebleven teamlid deze week, is het volledig met me eens. We hebben allebei meters gemaakt en resultaten geboekt. Af en toe een stukje gereden naar een externe afspraak. Maar met de wind in ons haar en de zon op ons gezicht zo gezegd. Als ik met Manlief de komende week doorloop met het oog op de dagopvang van Darwin, ziet het beeld er anders uit. De vakantieperiode loopt op z’n einde, ook in dat opzicht. ‘Je lijkt dat liedje van Blof wel’, grapt hij. ‘Heerlen, Utrecht, Zeist, Groningen, Tilburg.’ Me op mijn voorhoofd kussend: ‘Je bent mijn nationale globetrotter!’ En achter dat voorhoofd klinkt zachtjes een overbekend melodietje:

Zij stuurt me kaarten uit Maastricht en uit Arnhem komt een brief.
Met de prachtigste verhalen, God, wat is ze lief.
Gisteren uit Groningen: ik mis je en een zoen.
Vandaag, Den Haag, een kattebel, want er is zoveel te doen.
En morgen staat de postbode weer lachend voor mijn huis,
met in zijn hand een luchtballon vol salutjes uit Maassluis.