Verrassing!

Rob en Jochem

“Krijgen we nou taart?” Twee bevriende oud-collega’s zitten me op Facebook te stangen. Ze hebben de auto’s van buurtgenoten aangeduwd en vragen nu om beloning: ‘Voor het helpen!’ Ik glimlach. En aangezien ik toch aan het bakken was voor de opvangmedewerkers van Darwin, Sydney en Luzz, zet ik er twee amandelbitterkoekjescakes achteraan in de oven. Ik spreek af dat ik ze bij de één vóór en bij de ander ná het werk afgeef: ‘Dus vakantie of niet: ik ben om 8 uur bij jou!’, waarschuw ik de een voor alle zekerheid nog. Maar als ik voor de deur sta, doet de ander open. Hij kijkt slaperig, in zijn badjas, en zegt: ‘Wat doe jij hier nou?’ Bizar wat er op dat moment allemaal door je hoofd flitst. Tot en met de twijfel of jij je inderdaad hebt vergist! Maar hij woont hier helemaal niet! Dan hoor ik geschater achter de kamerdeur en steekt de een zijn hoofd om de hoek: ‘Verrassing!!’ Ze hadden samen het idee opgevat om mij er eens even goed tussen te nemen. En daarom in scene gezet dat de ander open zou doen in het huis van de een. Ik krijg twee heel stevige warme knuffels, en koffie, en aandacht. Maar tussendoor schieten ze keer op keer in de lach: ik had precies zo gereageerd als ze hadden verwacht. Als ik na een half uurtje écht naar het werk ga, nemen we hartelijk afscheid. ‘Zullen we hier een traditie van maken?’, grijnst de een. Ik grinnik ook. En als ik in de auto zit nog steeds. Zelfs als ik op kantoor aankom, ligt er nog een glimlach om mijn lippen. Idioten. Maar wel heel lief. En ach, zolang ze maar blijven helpen, is het niet erg als ik een keer in het ootje word genomen. Laat ze van het helpen maar een traditie maken!