Samen een straatje om

20140803-222053-80453817.jpg

De oudere lezers van Dsdays weten vast wat ik bedoel: als Manlief ’s avonds Darwin uitlaat, speelt vaak een liedje van Rudi Carrell door mijn hoofd. Juist, dat liedje. De heren vinden het prettig om voor het slapen gaan nog even de benen en pootjes te strekken. Ik lig dan al in bed. Meestal komen ze zachtjes, om mij niet te storen, weer binnen. Behalve vanavond dan. Nog nalachend melden ze zich in onze slaapkamer. We wonen in een winkelstraat tussen een uitgaansgebied en het centrum in. Er is dus tot in de vroege uurtjes verkeer: auto’s, fietsers en voetgangers. En op een van de terrasjes zaten wat mensen. Met een hond. Die buitensporig veel aandacht aan Darwin besteedde. Manlief had even een praatje gemaakt en was toen doorgelopen. De hond bleek niet aangelijnd en liep mee. Niet handig, want zoals gezegd: er rijden auto’s die meestal het ‘Max 30 km/uur’-bord over het hoofd hebben gezien. Een stuk verderop draaide Manlief zich dus om en vroeg of meneer de hond even terug wilde roepen. ‘De man voldeed aan het verzoek: ‘He, kom eens hier jij!’, wat door de hond volledig werd genegeerd. Dus zeg ik “niet onvriendelijk”: ‘Nou, hij heeft niet veel zin om te gehoorzamen vanavond’, lacht Manlief. ‘Antwoordt hij: ‘Tja, ik weet niet of ik zomaar zou luisteren. Het is namelijk niet mijn hond!’