Bijgeloof

tompouce

‘Zal ik er dan twee apart laten zetten?’ De bedrijfsleider van mijn favoriete pure supermarkt leeft duidelijk met me mee. Hij weet hoe onvoorspelbaar mijn werkdagen tegenwoordig zijn. En hij kent mijn bijgeloof bij belangrijke voetbalwedstrijden. Zonder oranje tompouce: kansloos! Het nuttigen van een tompouce bij aanvang geeft het beste resultaat. En Manlief volgt dan mijn voorbeeld na de eerste goal. Maar die aanpak is flexibel in te vullen, en een beetje afhankelijk van de aanvangstijd van de wedstrijd. Als er maar oranje tompoezen aanwezig zijn. Ben ik woensdag op tijd terug na mijn afspraken in den lande? Het blijft de vraag tot de laatste minuut. Dus ik ga graag akkoord met z’n aanbod en bestel twee exemplaren die ik op een niet nader te noemen tijdstip zal ophalen. Als ik ’s ochtends bij mijn collega in de auto stap, krijg ik een idee. Hij heeft niets met voetbal. En hij is nog niet lang genoeg mijn collega om ‘m voldoende te hebben kunnen overtuigen van mijn ideeën (lees: mijn gelijk). Daar moet je even rustig de tijd voor nemen. Confronteren met een voldongen feit heeft een afbreukrisico: hij kan ze afwijzen. Dus ik vraag het hem gewoon: ‘En als ik nu eens vier zalige oranje tompoezen voor je regel? Die kun je meenemen als je me vanmiddag weer afzet. Leuke verrassing voor je gezin vanavond.’ Waarmee ik een ultieme poging tot het afkopen van geluk nastreef. Na zijn positieve reactie bel ik gelijk de aangepaste bestelling door. En rijden we naar de eerste afspraak van vandaag. Halverwege de middag zijn we weer terug in mijn woonplaats. Ik wijs hem de weg naar de bewuste locatie en stel hem voor aan de bakker. Na enige plagerijtjes over en weer nemen we afscheid: ‘Tot morgen en smakelijk alvast!’ Als de wedstrijd begint, zit ik aan het televisiescherm gekluisterd. 1-0 wordt binnen een minuut gelijk gemaakt met 1-1. En deze actie herhaalt zich met 1-2 en 2-2. Zijn alle oranje tompoezen voldoende waarborg? Ik neem het zekere voor het onzekere en ga even naar de keuken. Er wordt zonder uitzondering gescoord als ik de kamer uit ben. De vraag is alleen door wie. Dan roept Manlief: 3-2! Ik ben net op tijd terug om de herhaling te zien. Bijgeloof. Je moet er maar in geloven. Ik wel!