Vraagverlegenheid

20140517-152847.jpg

Een van de aandachtsgebieden met prioriteit in mijn nieuwe functie is de vraagverlegenheid. Oftewel: het feit dat de doorsnee Nederlander moeite heeft aan te geven dat hij of zij hulp nodig heeft. Hulp bieden, dat doen de meesten van ons zonder aandringen. ‘Je hoeft het maar te vragen!’ En geen moment is er het besef dat daadwerkelijk aangeven dat je het niet alleen kunt ‘best dapper’ is. De cijfers op onze site WeHelpen.nl laten het glashelder zien: bijna 12000 hulpbieders. En slechts 1562 hulpvragers. Gek, toch? Zo ben ik met mijn hoofd heel ergens anders als ik dozen vol brochures uit de auto haal en in de berging zet. Ze zijn best zwaar. Het zijn er best veel. En het is best warm. Als ik tussendoor via de whatsapp ‘klaag’ tegen mijn collega, zegt hij “Hou maar op! Ik heb geen medelijden met je zolang ik geen hulpvraag op WeHelpen voorbij zie komen!” Even sta ik stil, midden op de stoep. Aan de andere kant van de straat zitten drie knullen op het terras voor het café. En ik heb ze een paar keer naar me zien kijken … ‘Kom op, heren!’ zeg ik hardop met mijn allercharmantste glimlach. ‘Jullie laten een vrouw toch niet in haar eentje sjouwen met dit mooie weer?!’ Ze schieten in de lach. En steken over. Drie minuten later staan alle dozen binnen. ‘Een biertje kan er zeker niet vanaf?’, probeert een van hen. Maar ik trap er niet in: het waren nog maar een paar dozen. Ik bedank hen hartelijk en sluit de voordeur. Inderdaad, je hoeft het maar te vragen. En net dat is uitzonderlijk moeilijk. Terwijl het je een glimlach en een goed resultaat oplevert. Gek, toch!