Struisvogels in de sneeuw

20130207-214846.jpg

Met een schok komt de gondel waarin we naar de bergtop worden vervoerd tot stilstand. De drie jongetjes die tegenover ons zitten, kijken elkaar een fractie van een seconde verschrikt aan, om daarna gelijk weer hun stoere snowboardershouding aan te nemen. Ik ben niet bang, we hangen ‘maar’ een meter of vijf boven de grond. Maar het wilde geschommel heeft een minder prettig effect op mijn maag. Na een paar minuten wordt de reis weer hervat. Als we boven aankomen, springen de kinderen als eerste uit de cabine. Broer en ik volgen en zien tot onze verbazing een van de liftbediendes peinzend naar de gondel voor ons kijken. Terwijl de wagentjes in een rustig tempo hun weg vervolgen door de terminal, klimt hij met een vloeiende beweging naar boven. Hij haalt een schroevendraaier uit zijn zak en draait iets een paar slagen aan. Dan springt hij weer naar beneden. Wij haasten ons naar buiten: de zon in. Sommige dingen moet je gewoon niet willen zien. En de rest van de dag blijf ik voor alle zekerheid stevig op mijn ski’s staan!