Plaatsvervanger

Met een doffe bons en een pijnlijke kreet valt de mevrouw naast me op de grond. Geschrokken helpen we haar overeind. Ze had alle aandacht voor de hond en niet voor het paaltje naast het trainingsveld. Behalve een pijnlijke enkel is ze ook draaiierig. ‘Zal ik even verder gaan met de training?’, bied ik zonder nadenken aan. ‘Dan kunt u even rustig bijkomen.’ Ze aarzelt even maar accepteert dan mijn aanbod. Ik neem de riem over en volg de instructies van de trainster. Aan de andere kant van het veld kijken Manlief en Darwin verbaasd toe. In een paar woorden leg ik uit wat er is gebeurd. Dan volgen we ieder onze weg. Darwin is het er duidelijk niet mee eens: telkens als we hem passeren, werpt hij jaloerse blikken. De hond aan de andere kant van mijn riem weet niet zo goed wat hij ervan moet vinden. Maar heeft al snel door dat ik een serieuze vervangster ben. Gedwee doet hij de oefeningen. Dan moeten we de honden laten liggen en op een afstandje naar ons toe laten komen. Alle honden hollen als een dolle op de baas af. Behalve één. Die van mij. De trainster komt naar me toe en vraagt wat het probleem is. ‘Ik denk dat hij het wel kan, hoor!’, licht ik toe. ‘Maar ik weet niet hoe hij heet!’

Advertenties