Imitaties

We wandelen veel hier. Het weer houdt niet echt over, maar de kleuren zijn er des te mooier door. En Sydney heeft natuurlijk geen bezwaar tegen wat extra beweging. Dit seizoen heeft wel een ‘maar’. De koeien zijn weer buiten. Ik heb het niet zo op koeien. Ooit zijn mijn moeder en ik achterna gezeten door een dertig koeien die Floppy een heel eng naar hondje vonden. De hoteleigenaresse adviseerde om altijd een lange stok mee te nemen bij de wandeling, daarmee hou je ze op afstand. Maar gisteren had ik geen stok bij me. En de koeien die we tegenkwamen vonden Sydney ook niet zo heel leuk. Gelukkig konden we onszelf achter een wildrooster in veiligheid brengen. Manlief liet nog een prachtige loei horen, hij kan het geluid van koeien perfect imiteren. Ze keken ons verwonderd na: wat een rare koeien! Toen we vanochtend naar het andere hotel wandelden, zagen we geitjes staan. Ik mekkerde een begroeting die ogenblikkelijk werd beantwoord. Ze holden naar ons toe en aten uit onze handen. Letterlijk. Manlief schudde zijn hoofd. ‘Ik snap jou echt niet. Koeien zijn leuk. En lief. Die vind je eng. Geiten hebben nare ogen. Die kunnen heel gemeen bijten. En daar speel je mee?’ Ik lachte. En gaf mijn geitjes nog wat gras. Mannen hoeven vrouwen niet altijd te begrijpen. Wij snappen soms ook niet zoveel van hen.

Advertenties