Ouwe sok

Het is tijd voor de jaarlijkse prikken van Sydney. En dus maakt mijn moeder een afspraak bij de dierenarts. Als ze aan de beurt is, vraagt hij hoe het met ons gaat. Mijn moeder zegt dat het afscheid van Floppy ons erg zwaar valt, en hij knikt begrijpend. ‘Ze waren echt maatjes, Floppy en uw dochter. En haar man maakte het gezin compleet. Er is echt een persoonlijkheidje weggevallen. En dat verwerken kost tijd.’ Dan wijdt hij zijn aandacht aan Sydney. Ze wordt onderzocht en gewogen. En waar het altijd een wat-aan-de-magere-kant-hondje was, blijkt ze nu een paar kilo zwaarder te zijn. ‘Ze mag echt niet meer aankomen, hoor, anders wordt ze te dik!’, zegt de dierenarts. ‘Ja maar’, antwoordt Sydney verontwaardigd: ‘Dat ligt niet aan mij! Dat komt door die ouwe sok!’ Mijn moeder kijkt haar perplex aan: ‘Bedoel je mij?!’ Snel corrigeert Sydney haar antwoord: ‘Euh, nee, natuurlijk niet. Ik bedoelde die andere ouwe sok. Floppy! Hij liep niet meer zo hard. En daardoor kon ik ook niet doorlopen! En zonder beweging word je dik.’ Verongelijkt kijkt ze de dierenarts aan. Die heft zijn vinger en zegt vermanend: ‘Voorlopig ga jij dus rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan. Je brokken opeten, niet alleen de kluifjes. En tot slot: dat soort dingen zeg je niet. Ook niet als hond. Van de doden niets dan goeds!’ En daar kon de jonge sok het mee doen.

Advertenties