De laatste en de eerste keer

Afgelopen weekeinde stond stiekem toch telkens in het teken van ‘laatste keer’, al probeerden we daar zo min mogelijk bij stil te staan. Laatste keer boodschappen doen en bij het rek met hondenvoer zoeken naar de lekkerste kluifjes. Samen naar mijn moeder voor de koffie. En vooruit, nog een laatste keer poseren dan. Hij was zo fotogeniek. Baalde alleen als de flits in zijn ogen weerkaatste. Laatste keer Sydney op bezoek, en mijn broer met zijn gezin. Nog een keertje ‘dag’ zeggen. Laatste keer naar het park. Wel met de Flopmobiel, want zelfs dat kleine eindje kon hij niet meer helemaal lopen. Hij zat zo tevreden te kijken. Toen werd het ‘eerste keer’. Gaan slapen zonder zijn vertrouwde kopje geaaid te hebben. De eerste keer ’s ochtends lunchpakketjes maken zonder dat hij achter me stond te kniezen bij zijn ‘gewoon gezonde brokken’. Ontbijten zonder een enthousiast hondje aan onze voeten, wachtend op zijn plakje boterhamworst. De eerste keer uit de auto stappen en hem niet van de achterbank hoeven tillen. Dat moest altijd zo snel mogelijk, want hij vond het toch een beetje genant voor de buren dat hij niet meer zelf uit de auto kon springen. De eerste keer onder de douche zonder dat ik een donkere vlek op hondhoogte door de douchedeuren ontwaarde en hem lachend voor ‘vieze ouwe gluurder’ uitmaakte. Hij hield altijd in de gaten waar we waren en wat we deden. Ik twijfel nu ineens of ik hem wel een laatste knuffel heb gegeven voor hij insliep. De tranen beginnen weer te stromen, onbeheersbaar. Niet voor het eerst. En niet voor het laatst.