Babyvoeding

We lopen achter ooms, tantes, neven en nichtjes aan. De jaarlijkse familiedag is elk jaar opnieuw een hele happening waar je niet graag wilt verzuimen. Helaas kan manlief niet aansluiten tijdens het middagprogramma: hij heeft teveel last van zijn schouder. En aangezien ook schoonzusje nog niet staat te trappelen om in een Canadese kano te stappen, houd ik haar en de echte oudere jongeren gezelschap. Een en al excuses natuurlijk: ik vind het veel te leuk om achter de kinderwagen met Caitlynn te lopen. Als onze groep de kelders van een oud fort induikt, grijp ik de kans met twee handen aan om haar het flesje te geven op een rustig plekje. Ik loop terug naar het restaurant en pak alle attributen met zorg uit. De eigenaresse komt naar me toe: ‘Sorry, u kunt hier eigenlijk nu even niet terecht, ik verwacht elk moment een grote groep die hier heeft gereserveerd.’ Ik leg haar uit dat ik bij die andere grote groep hoor die ook heeft gereserveerd. Caitlynn onderstreept dit door inmiddels wat duidelijker kenbaar te maken dat ze honger heeft. Vertwijfeld kijkt de mevrouw van de een naar de ander. ‘Geeft u borstvoeding? Want dan kunt u toch echt beter in de keuken gaan zitten.’ Ik schiet in de lach en vertel dat het mijn nichtje is. En dat ze een keurig flesje krijgt. Dan mogen we ons even terugtrekken in een afgelegen hoekje. Caitlynn gedraagt zich voorbeeldig (uiteraard) en de mensen die binnenkomen letten nauwelijks op ons. Als ik haar na het boertje weer in de kinderwagen leg en alles opruim, geef ik haar een dikke knipoog. Wij weten het wel, zij en ik. Nu de rest van de wereld nog.