Stuiterend

Het nieuwe schooljaar staat voor de deur. De studenten zijn weer zichtbaar. En hoorbaar. Als ze niet luid zingend door de straat fietsen, laten ze wel grote bergen met plastic bekertjes achter bij een vage deur waar de Studentenvereniging kennelijk is gehuisvest. De verschraalde bierlucht is tastbaar. En vanavond is er blijkbaar bij de buren een kennis-makingsfeest. Het zoveelste. Manlief en ik kijken elkaar berustend aan en zetten de televisie wat harder. Elkaar verstaan is hoe dan ook niet mogelijk. Helaas houden ze het lang vol. Langer dan wij. Om vijf uur heb ik nog geen oog dicht gedaan. Zo spel je dus geradbraakt. De volgende ochtend. Ik stuur een berichtje aan mijn leidinggevende: neem een paar uur vrij om bij te slapen. Sleep me vervolgens door de dag heen. Werk volledig op de automatische piloot. En rol om half 8 mijn bed weer in: uitgeput val ik nagenoeg gelijk in slaap. De dag daarna. Na bijna elf uur word ik uitgerust wakker. Ik stuiter de trein in naar mijn werk. Heb er na vijf minuten op kantoor al acht kwinkslagen op zitten. Kom guitig uit de hoek tijdens het afdelingsoverleg. Maak opgewekt ‘nog net op het randje’ gepaste opmerkingen. Kortom: ben aanwezig. Of zoals een collega nadrukkelijk vraagt als ik het pand verlaat: ‘Ga je vanavond alsjeblieft niet te vroeg naar bed?’