Praktijkervaring

Ze begint een beetje onhandig. Leest haar eigen naam op vanaf de eerste sheet. We kijken elkaar even aan en glimlachen. Niet iedereen vindt het prettig een presentatie te geven voor 30 hartpatiĆ«nten en hun partners. Ze zucht een keer diep en begint. Maar het valt niet mee. Ze hapert veel en er vallen regelmatig ongemakkelijke stiltes. Soms kijkt ze zelfs naar de vertoonde informatie alsof ze nauwelijks kan geloven wat er staat. Als ze zich tot de groep richt, stelt ze behoorlijk directe en soms zelfs intieme vragen. En vindt het duidelijk lastig dat er nauwelijks wordt gereageerd. Maar ja, niet iedereen praat in het openbaar gemakkelijk over persoonlijke problemen. Op een vraag vanuit de groep reageert ze ontwijkend: ‘Als u dat zo voelt, dan zal het wel zo zijn.’ Een mevrouw mompelt dat ze hoofdpijn krijgt van het felle rode aanwijslampje dat voortdurend razendsnel over de muur beweegt. Na een half uur worstelen met drie sheets zegt ze duidelijk opgelucht dat het hoog tijd is voor een pauze. We kijken elkaar even aan en halen onze wenkbrauwen op. Ook na voorzichtig protest uit de zaal is ze niet te vermurwen: ‘Je voelt het misschien niet zo, maar je moet echt voorzichtig met je conditie omgaan, hoor! Tijd nemen om weer even bij te komen van alle informatie!’ Ze staat op en loopt de deur uit. We besluiten na kort overleg haar te volgen en deze sessie te laten voor wat het is. Ook een andere aanwezige vindt het genoeg geweest. De nazorg bij het revalidatiecentrum is echt goed. We zijn er blij mee. Maar de informatiebijeenkomst ‘Omgaan met stress’ heeft voor ons teveel overeenkomsten met een praktijkervaring.