Burgerlijk ongehoorzaam

Onze straat is nu bijna klaar. De riolering is vernieuwd. De funderingen zijn gelegd. Bekabeling is gecontroleerd. Het is nu een kwestie van stoeptegels en straat-aankleding. Ze lopen wel ietwat achter op schema. Waarschijnlijk de reden dat het vanochtend om kwart over zes al een drukte van belang is. Als ik aan kom lopen met Floppy, is de weg plotseling versperd door een groot hek en een grimmig uitziende bouwvakmeneer. ‘Tot hier en niet verder, mevrouw, voor uw eigen veiligheid!’ Ik leg uit dat ik een bewoonster ben. Dat ik even de hond heb uitgelaten. En nu mijn spullen wil pakken om naar het werk te gaan. ‘Helaas, mevrouw, er mag niemand meer in of uit!’ Ik schiet onwillekeurig in de lach. Manlief is nog binnen, ruimt de ontbijtboel op. Bovendien hebben we geen gemeenteaankondiging gezien dat we vóór zes uur het pand hadden moeten verlaten. Maar de bouwvakmeneer is onvermurwbaar. Ik haal mijn schouders op en loop met ware doodsverachting langs hem heen. Hij roept me na: ‘Dan moet u het zelf maar weten, hoor! Eigen verantwoordelijkheid!’ De onveiligheid valt wel mee, een eind verderop is een heftruck bezig de stoeptegels te verspreiden. Ik kan zonder iemand te hinderen naar onze voordeur lopen. Soms moet je gewoon burgerlijk ongehoorzaam zijn.