Wintersport

Om deze tijd zouden de koffers uitgepakt zijn en de vermoeidheid van het vroege opstaan en de lange reis weggespoeld onder een heerlijk warme douche. Ik liep vast richting ‘onze’ hoek in de bar, met een glimlach naar eigenaar Alexander. Mijn moeder zit er al: stralend in een prachtige outfit. Weer thuis in de sneeuw! Helaas … zou! Want we gaan dit jaar niet. Mijn broer herstelt langzaam (maar zeker) van zijn nekhernia en bouwt de 24/7-morfine mondjesmaat af. Het lijkt gelukkig allemaal weer goed te komen zonder de risicovolle operatie. Maar skieen zit er dus beslist niet in dit jaar. En aangezien het onze traditionele gezinsvakantie is, en het zonder alle betrokkenen aanwezig gewoon niet hetzelfde is, hebben we afgebeld. Ook iedereen daar leeft mee en vindt het oprecht jammer dat we een keer overslaan. Geen ijskoude wangen in de stralende zon op een witte helling. Geen zachtzoefend geluid van mijn nieuwe skies. Geen uitgebreid ontbijt na het eerste kopje koffie of thee op bed. Geen zalige cocktails van de altijd voor ons nog een beetje extra vrolijke Rainer. Geen, geen, geen. Niet, niet, niet. Zucht. Ach, het is natuurlijk een luxeprobleem. En daarover zeuren is werkelijk not-done. Maar een beetje dromen en wegmijmeren bij de webcam, ook al doet het pijn, dat mag wel. Zucht. Echt blij word je er niet van. Gelukkig hoeven we nog maar 364 nachtjes te slapen voor het zover is.