Trap

Zoals gezegd: Floppy is nagenoeg hersteld van zijn (en onze) bijna-dood-ervaring. Het enige wat er nog aan herinnert is zijn tomeloze energie (zonder milt krijgt hij geen seintje om het rustiger aan te doen) en hij moet wat vaker plassen. Hij geeft het keurig aan, dus het is een kwestie van opletten. Maar dat betekent dus ook dat uitslapen op zondag wordt onderbroken door een plaspauze. Terwijl Floppy voor me uit de trap afloopt, neem ik de eerste twee treden, nog enigszins slaapdronken. En dan gebeurt het. We hebben vloerbedekking. Ik loop op blote voeten. En toch slip ik van de tree. Wild om me heen grijpend land ik op mijn billen en vervolg zo mijn weg naar beneden. Halverwege haal ik Floppy in. In een reflex schep ik hem op, zodat hij op schoot meelift. Helemaal beneden glijdt hij door en landt keurig op de tegels. Hij kijkt me aan: ‘Dat was leuk! Nog eens?’ Maar ik blijf even stil liggen. Alles doet zeer. Gelukkig heb ik niets gebroken of gekneusd. Maar mijn spieren! Na een paar uur kan ik nauwelijks meer bewegen van de spierpijn, laat staan ademhalen. Het duurt een week inclusief een kraaksessie van de fysiotherapeut voordat alles weer op volgorde ligt. Een ervaring rijker. Maar niet eentje die ik wil herhalen!