Klanken

Zou het nou toeval zijn? Als ik mijn vriendenkring tegen het licht houd, valt het op dat ik vrijwel altijd ben omgeven door bepaalde klanken. Dat begon al op de lagere school met mijn vriendinnetje Monique. Op de middelbare school kende iedereen het clubje van vier vriendinnen: Angelique, Lian, Annemieke en ik. Tijdens mijn studie voor Europees Secretaresse trok ik veel op met Liesbeth. En ook mijn huidige twee beste vriendinnen bleken allebei een ‘ie’-klank in hun naam te hebben: Ingrid en Francien. De mannelijke kant van mijn sociale leven heeft een ‘a’ in zijn naam. Mijn grote kleine broer heet Frank. Sinds mensenheugnis is Maarten mijn beste vriend. En ook André houdt al heel wat jaren een oogje in het zeil van mijn wel en wee.Op kantoor werd ik gecoacht door Martien Hij overleed te vroeg, veel te vroeg. Maar vanaf zijn wolk zorgde hij voor maar liefst twee plaatsvervangers: Frank en Martin. Ik rijd al een jaar of acht samen met Stefan naar kantoor. En last but nog least mag natuurlijk manlief Bart hier niet onvermeld blijven: zonder hem is mijn leven niet compleet. Zou het nou toeval zijn? Maar toeval bestaat toch niet?

Kruis

Ik ken haar niet persoonlijk. Ze was een bevriende collega van mijn broer. Pas 38 jaar oud. Echtgenote en moeder. Maar ze was al heel lang ernstig ziek. Broer sprak er af en toe over. Het deed hem duidelijk zichtbaar verdriet om iemand zo te zien ploeteren en lijden. Tijdens zijn huwelijksreis moest ze een zware operatie ondergaan. Hij riep ons vanuit de USA op om een kaarsje voor haar te branden. Misschien hebben al die kaarsjes een beetje geholpen. Want daarna zag het er eigenlijk allemaal wat gunstiger uit. De artsen spraken de eerste woorden van een gematigd positief bericht. Daar hielden ze het nog even bij. Want ze bleef onder zware controle. Een paar dagen geleden wilde ze toch even langs de specialist. Ze hoestte zo. Er zat wat vocht achter haar longen. Toen ze goed keken, zagen ze nog meer. ’t Heeft niet lang meer geduurd. Mijn oma zei altijd, dat je nooit een zwaarder kruis te dragen krijgt dan je kunt tillen. Haar kruis werd te zwaar. Gisteren is ze vertrokken naar een betere wereld. Met wolken en warmte en licht en zachte veertjes. Ze heeft geen pijn meer. Ze is niet meer moe. Die wetenschap zullen de achterblijvers hard nodig hebben. Hun kruis voelt de komende tijd een beetje zwaarder. Dag! Goede reis en rust zacht.

Vallende sterren

Het gebeurt niet vaak. Dat zal niemand verbazen die mij een beetje kent. Maar toen ik gisteren een berichtje kreeg van Schoonmama, was ik echt even stil. Wat een prachtige tekst! Je kunt wel zien dat ik mijn schrijftalent van geen vreemde heb! Gelukkig zat er geen copyright op, dus mogen jullie meegenieten!

Wauw, da’s een mooie! M’n eerste wens is gauw gedaan: algeheel welzijn voor zonen, schoon- en kleindochters. Daar gaat de tweede: een wens voor de ernstig gehandicapte dochter van mijn vriendin. Wachtend op de volgende trok het wolkendek dicht, helaas, ik had nog meer te wensen. Na een half uurtje weer naar buiten, geen ster te zien. Voor ‘k naar bed ging een enkel gat in het wolkendek en een paar sterren waar geen beweging in zat. Heerlijk in bed met één van jullie mooie boeken. Om half vier even naar ’t toilet en nog maar eens kijken. Ja hoor, een praktisch heldere Zeeuwse sterrenlucht. Nu was m’n eerste wens voor mijn oudste zus bij wie alweer een knobbeltje in haar borst werd aangetroffen. We wachten allemaal in spanning op de uitslag. En de volgende……., nog beter dan duimen voor die leuke baan, denk je niet? Al iets gehoord? Hoewel ik nu eigenlijk niets meer te wensen had, heb ik nog zeker een kwartier staan kijken en nog 3 sterren zien vallen. Je moet er in geloven en zo niet: het is een prachtig gezicht. Ik heb genoten! De komeet Swift-Tuttle cirkelt elke 130 jaar om de zon en laat dan een grote hoeveelheid stof achter. De stofwolk is zichtbaar als sterrenregen wanneer de aarde deze wolk kruist.

Schoonmama heeft in elk geval een boel vallende sterren om te bewaren voor een regenachtige dag! (vrij vertaald naar Catch a falling star van Perry Como). En dat is helemaal zo slecht nog niet deze zomer!

Helden

De nieuwste tentoonstelling van het Rijksmuseum heet ‘Helden’. Er is veel over te doen. Er wordt namelijk niet alleen aandacht besteed aan Michiel de Ruyter, die 400 jaar geleden zijn eerste verjaardagsfeestje vierde. Ook Pim Fortuyn, Marco Borsato en Ali B hebben een plaatsje gekregen. Helden die iedereen kent en helden die bijna niemand kent. Manlief en ik keken elkaar aan toen het journaal er een item aan wijdde. Helden? Volgens Van Dale is een held iemand die ondanks zijn angst ingrijpt in gevaarlijke situaties. Dan denk ik zonder hen hier tekort te willen doen toch echt niet gelijk aan André Hazes of de Beatles! Als ik ’s avonds onder de dekens kruip, hoor ik ineens geritsel. Er blijkt een beestje tussen het gordijn en het raam terecht te zijn gekomen. Manlief treedt resoluut op en een paar minuten later is het weer rustig. Helden? Ik heb er thuis een. Maar dan wel een echte!

Ervaringen uit het verleden

’t Is even stil geweest op werk-geversgebied. Maar het wordt nu echt heel spannend. De functie bij mijn vorige leidinggevende (zie Doorbraak) ziet er steeds hoopvoller uit. Daarnaast heeft ook iemand anders zich gemeld als potentiële leidinggevende. Hij is bezig een nieuwe afdeling op te zetten met een leuke functie waarvoor hij eigenlijk stiekem mijn naam al had ingevuld. En zet nu dus alles op alles om niet net te laat te komen met een interessant aanbod. Ook mijn huidige manager probeert uit alle macht waar mogelijk een uitwijkmogelijkheid te creéren. ’t Is nog net niet dat ze daadwerkelijk met elkaar op de vuist gaan om mij. Maar alle charmes worden nadrukkelijk in de strijd geworpen. Variërend van praktische tips hoe je je niet moet gedragen in een sollicitatiegesprek bij de ander tot het wegjagen van duiven met eventuele schietmogelijkheden. Ik vind het allemaal erg indrukwekkend. En ben vooral blij! Want een groter compliment kun je niet krijgen! Zouden ervaringen uit het verleden in dit geval dan toch garantie bieden voor de toekomst? Wordt vervolgd!

Verkeerd verbonden

Terwijl ik met een schuin oog de binnengekomen emails scan, open ik de post voor mijn leidinggevende. Er zit een brief bij, waarbij zijn naam verkeerd is gespeld. Als ik ‘m beter bekijk, blijkt de inhoud helemaal niet bestemd te zijn voor hem. Ik kan nu een aantal dingen doen. Maar ik besluit eerst contact op te nemen met de afzender. Een verveelde stem neemt op. Ik leg uit dat ik een brief van hem heb ontvangen, maar dat deze niet bij ons thuishoort. Nog voordat ik kan vragen wat hij ermee wil doen, antwoordt hij: ‘Dat is niet mijn probleem!’ Even weet ik niet wat te zeggen. ‘Nee’, vervolgt hij, ‘Dan zorg maar dat hij op het juiste bureau terecht komt!’ Ik leg uit dat ik bij een groot bedrijf werk en dat het onderwerp me helaas werkelijk niets zegt. Maar het boeit hem niet. Ook vindt hij het niet interessant dat ik 6000 collega’s heb waarvan ik toch minstens de helft niet ken. Met andere woorden: ik mag het uitzoeken. Letterlijk. Verbrouwereerd hang ik op. Gelukkig hebben we een afdeling Postverwerking. Zij weten vast waar de brief wél thuishoort. Maar ik ben erg benieuwd hoe deze meneer omgaat met verkeerd verbonden telefoongesprekken!

Cijfers

Eigenlijk weet ik het zelf ook wel. Ik ben goed met talen. Het kost me relatief weinig moeite om me verstaanbaar te maken in mijn eigen of een buitenlandse taal. Maar cijfers zijn daarentegen niet mijn ding. Beetje hoofdrekenen lukt nog wel. Maar zodra worteldelingen of percentages in beeld komen, haak ik af. Niettemin ging ik gisteren op de grootste boekenmarkt van Europa de discussie met manlief aan. Het was warm in Deventer. En het was druk. Er waren in mijn beleving minstens zoveel mensen als in 2006. Manlief bestreedt dat. Hij vond het aanmerkelijk rustiger dan een jaar geleden. Ik weet zijn mening aan de warmte: zijn observatievermogen werd natuurlijk nadelig beïnvloed bij een omgevingstemperatuur van meer dan 30 graden Celsius. Met mijn neus alwetend in de lucht liepen we langs de diverse stalletjes op de 6 kilometer lange route. Gisterenavond besteedde het NOS-journaal uitgebreid aandacht aan de boekenmarkt. De verslaggever interviewde een aantal bezoekers. En merkte en passant op dat het warme weer blijkbaar toch voor een keuzedilemma had gezorgd: er waren dit jaar slechts 120.000 bezoekers op de boeken afgekomen; 10.000 minder dan vorig jaar. Manlief heeft duidelijk wél iets met cijfertjes. Maar ik heb mijn ongelijk dan weer in een grappig stukje tekst verwoord!

Met (hoop ik) dank aan Kees voor het lenen van deze foto!

Superslak

Schoonmama en ik zitten in een geanimeerde discussie over slakken. We hebben er helaas veel last van. Zij heeft een tuin, dus de aanwezigheid van slakken is bijna niet te vermijden. Maar wij zitten op één hoog! Geen idee hoe ze daar zijn gekomen. We vergelijken manieren om ze ‘slakvriendelijk’ te bestrijden. Zout werkt het beste, maar het geeft wel een hoop troep. Slakkenkorrels zijn er in de varianten ‘onder de toonbank’ (werken goed maar zijn beslist niet milieuvriendelijk) en ‘boven de toonbank’ (werken een beetje). Ik vertel dat ik ze meestal naar beneden gooi. Dè oplossing! Onze buren hebben een van stoeptegels voorzien plaatsje achter de winkel waar bijna nooit iemand komt. Da’s een heel eind vallen en vooral hard neerkomen. Voordat ik mezelf tegen kan houden, slaat mijn fantasie op hol. Zie ik Superslak met wapperend rood manteltje zijn soortgenoten van de dood redden. Een grote S op zijn blauwe borstkasje. Snail to the rescue! Schoonmama lacht. En vraagt wat ik tegen buurman zeg als hij vraagt of wij ook zo’n last hebben van vliegende slakken? Waarop manlief mompelt: ‘Dat die overlast wel meevalt, omdat ze volgens mij niet zo heel goed kunnen vliegen als je kijkt naar het grote aantal platte exemplaren op zijn stoep!’

Hollands weer

Het is woensdag. Vanaf mijn werkplek kijk ik naar buiten en zie de zon steeds meer aan kracht winnen. Een optimist in t-shirt en korte broek fietst opgewekt voorbij. Dat wil ik ook! Tien minuten later is het geregeld. Mijn collega heeft al vakantie gehad en houdt het vrijwel verlaten schip onder controle. Morgen ben ik vrij! Het is donderdag. Als ik de gordijnen open (heb natuurlijk eerst wat extra uurtjes slaap ingehaald) zie ik alles behalve de zon. Het is niet koud, klopt. Maar de lucht is volledig dichtgetrokken met bewolking. Op zich niet zo heel erg, want ik heb wederom een zware reactie op de fysiobehandeling. Blijf toch liever in de buurt van bed en bank. Jammer van de vrije dag. Het is vrijdag: de zon straalt zelfs door de gordijnen heen. Op straat zie je niets anders dan topjes en shorts. Ik zwaai naar een kind met een ballon vanaf mijn werkplek. Zou ik nou echt krijgen wat ik (niet) heb verdiend?

Boek

Achter me hoor ik gefluister. ‘Dit klopt helemaal niet! Het was in een steegje!’ Een kwartiertje later gevolgd door: ‘Het is wel moeilijk concentreren zo, hoor! Ze hadden de ondertiteling beter weg kunnen laten’. Een tijdje blijft het rustig. Maar dan begint het weer: ‘Wat een onzin. Ze slaan gewoon het hele stuk met die ander over!’ En ‘JK ging niet accoord met deze opzet, dus heeft ze ingegrepen. De elf moest erin voor het totaalplaatje aan het einde. Wil jij soms nog wat popcorn?’ Gisterenavond bezochten we de film Harry Potter and the Order of the Phoenix. Na afloop hoorde ik haar zeggen: ‘Ik vond het boek toch beter!’