Werkdruk

Mijn nek zit vast. Mijn rug doet zeer. Ik kan mijn knie niet buigen zonder pijn. Zodra ik de telefoon neerleg, rinkelt hij alweer. Een vraag over evenement A, dat morgenmiddag plaatsvindt. Samen met 1100 klanten een feestje bouwen. Of een mededeling over project B, dat eind volgende week ingaat. Een kleine 160 collega’s krijgen een nieuwe teamindeling en daarvoor moeten ook 400 brieven met inhoudelijke info worden verstuurd. Iemand wil iets weten over de happening in november, waarvoor de bevestigingen gisteren zijn verstuurd. Ruim 200 gasten die een spectaculaire slipcursus aangeboden krijgen. Ik heb om 10 uur ’s avonds nog telefonisch werkoverleg met mijn leidinggevende: een van de collega’s had ineens een briljant idee dat ons een hoop werk scheelt. Het is druk!! Maar ik wissel glimlachend de verschillende petjes en sta de beller keurig te woord. Je hóórt mijn glimlach. En aan het eind van de werkdag gooi ik schatterend de petjes in de lucht! Want al komt de stoom uit mijn oren: dit werkritme heeft toch net even iets meer mijn voorkeur dan me stierlijk zitten vervelen zoals de laatste maanden het geval was.