Vlekje

Maar geen bruiloft zo bont of er zit wel een vlekje aan. De trouwdag van mijn broer en zijn vriendin was perfect. Het weer was ondanks tegenvallende voorspellingen stralend. De bruid en de bruidegom zagen er prachtig uit. De jurk zat als gegoten. En hun weergaloze trouwauto startte wel. Het enige vlekje vond zijn weg naar mij. Want ergens tussen de officiĆ«le plechtigheid en de bruidstaart ben ik mijn fotocamera verloren. Geen idee wat ermee is gebeurd. Of ik hem ergens in het gejubel en gejuich heb neergelegd en vervolgens ben vergeten. Of dat iemand anders ‘m net zo mooi vond als ik. Maar ik was ontroostbaar. De camera was het huwelijkscadeau van manlief aan mij twee jaar geleden. Nadat alle bruiloftsgasten tevergeefs hadden meegezocht, werd de dag hervat. Vermande ik me: het was hun trouwdag. En wat hebben ze ervan genoten! Toch gaf elke fotosessie een kneepje. Ook gisteren, toen er steeds meer schitterende foto’s over en weer werden gemaild, slikte ik af en toe een keer. Manlief kon het niet langer aanzien. Hij verdween naar de binnenstad en kwam terug met de nieuwere versie van hetzelfde toestel. ‘Hier’, zei hij, terwijl hij overstelpt werd met knuffels. ‘Als je dit toestel vasthoudt, denk je niet alleen terug aan onze geweldige trouwdag. Maar ook aan die van je broer en nieuwbakken schoonzusje!’