Goedgelovig

Ieder jaar opnieuw dezelfde discussie. ‘Hij bestaat wél!’ ‘Welnee, hij bestaat niet!’ ‘Welles!’ ‘Nietes!’ En zo gaat het maar door. Ik geloof nog steeds heilig in Sinterklaas. Natuurlijk ken ik de historie. Weet ik dat er veel hulpsinterklazen zijn. Ik ben ooit zelf Zwarte Piet geweest, met veel plezier. Maar zodra ik Hem op televisie zie, klopt mijn hart een paar slagen sneller. Volgens mijn man is het echter allemaal onzin. Gezellige onzin, dat wel. Maar hij begrijpt het gewoon niet. En dus zet ik met veel vertoon zaterdagavond mijn schoen voor de kachel. Met een mandarijntje erin. Op zijn opmerking dat Sinterklaas toch uit het land van de mandarijntjes komt, antwoord ik pinnig dat ik toch ook niet op klompen loop?! De volgende ochtend word ik wakker. Ogenblikkelijk herinner ik me mijn schoen en hol naar de kachel. Er zit een rijm in. En er ligt een cadeautje. En nog iets … Ik heb mijn lenzen nog niet in, dus ik buig me nieuwsgierig voorover. Wat is dat nou? De schil van het mandarijntje! Jubelend maak ik mijn man wakker. ‘Zie je wel dat hij bestaat! Hij heeft mijn mandarijntje opgegeten!!’ Mijn man rolt met zijn ogen en berust. Hier valt niets tegenin te brengen. Misschien moet hij dat ook maar niet willen.