Vertrouwen

Als ik de snelweg opdraai, zie ik een lifter staan. Iets dat niet vaak meer voorkomt. Op zijn bordje staat de naam van een stad, waar ik niet naartoe ga. Ik hef verontschuldigend mijn handen omhoog, hij glimlacht terug en gebaart: ‘geeft niet, volgende keer beter’. Terwijl ik mijn weg vervolg, denk ik daarover na. Is er een volgende keer? Ooit lang geleden heb ik een jongen meegenomen. Het hoosde en hij moest naar dezelfde locatie als ik. Maar ik vond het best eng bij nader inzien. En toen voelde ik me nog heel wat veiliger op straat. Even later sta ik bij een pinautomaat. En merk dat iemand dicht achter me komt staan. Ik draai me half om en zie een vrouw van mijn leeftijd. Leuk gekleed. Ze lijkt gehaast. Ik haal het geld uit de automaat en vertrek. Maar niet nadat ik nog eens goed om me heen heb gekeken. Als ik bijna bij kantoor ben, lopen twee donkere jongens me tegemoet. Een beetje slungelig, elkaar aanstotend en duidelijk niet van plan opzij te gaan. Ik neem geen risico en buig zelf af. Ze lachen om een grapje. Ik twijfel of ze zich uberhaupt wel van mijn aanwezigheid bewust zijn. Toch een raar iets, die emotionele toestand die vertrouwen heet.