Voetbal

‘Ah, doe jij ook mee met mijn voetbalpooltje?’ Ik weiger mijn man niet vaak iets, maar nu keek ik hem verwonderd aan. Ik heb heel weinig tot absoluut geen verstand van voetbal. De Oranje-gekte vind ik tot op bepaalde hoogte, en dan nog niet eens zo heel hoog, geinig om bij aan te sluiten. Maar daar houdt het eigenlijk mee op. Niettemin wilde ik zijn plezier van de zelfgemaakte pool niet vergallen, dus ik vulde wat getallen in. Zweden? Doen die mee? Blijkbaar. Maar Trinidad & Tobago lijkt me een leuker land, dus die krijgen veel doelpunten mee van mij. En zo ging het nog even door. Vrijdagavond was de eerste wedstrijd van het WK 2006: Duitsland tegen Costa Rica. Mijn man fronste zijn wenkbrauwen bij het zien van de door mij voorspelde score en glimlachte. ‘Je hebt een unieke score’, zei hij, ‘maar ik geef je weinig kans. Tot zowel zijn als mijn stomme verbazing kreeg ik echter gelijk: 4-2. Ach ja, beginnersgeluk heet niet voor niets beginners-geluk. Maar wedstrijd naar wedstrijd ging het goed. En beter. En ineens stond ik op eenzame hoogte bovenaan. Het voetbal kijken werd zelfs spannend! Nu, vier dagen later, word ik achtervolgd door ‘echte kenners’. En houd ik ernstig rekening met het feit dat aan alles een einde komt. Ook aan beginnersgeluk. Maar leuk was het wel!