Collega’s

Gisteren hadden we een etentje met de collega’s van mijn man. Alweer! Want in februari was er een officieel teamdiner met partners. En vervolgens in maart een weekeinde skieen met ongeveer dezelfde groep. Het zijn leuke mensen en er wordt eigenlijk nauwelijks over het werk gepraat. Ze hebben een brede interesse en een leuk gevoel voor humor. Ik voel me er dan ook prima bij, als ‘partner van’ zijnde. Veel later dan mijn gebruikelijke bedtijd waren we dus pas thuis. Toen we nog even napraatten, mopperde ik tegen mijn man dat ik hem eigenlijk benijdde. Ik kan erg goed met mijn eigen collega’s overweg. Maar we zien elkaar nauwelijks buiten kantoortijd. Eigenlijk hebben we daar ook niet zoveel behoefte aan. De relatie is prima, maar werk is werk en prive is prive. Dat moet je respecteren en dat doe ik dan ook. Het antwoord van mijn man was echter duidelijk: ‘Jij kunt zakelijk goed met je collega’s overweg, maar het zijn geen vrienden. Bij mij is het precies andersom!’ Ik keek hem verbaasd aan, maar zag al snel de lach in zijn ogen: grapje! Ach, mijn oma zei vroeger al: ‘Je kunt niet alles hebben en ook nog tegoed houden’. Ik eet gewoon van twee walletjes. En lekker!