Bertje

Bertje, onze dwergpapegaai, en ik doen een wedstrijdje ‘Decibel’. Hij gilt hard en schel, maar ik ben ervan overtuigd dat ik harder kan. Een paar minuten gaat het tegen elkaar op. Dan gaat de telefoon. Ik vraag om een time-out en beantwoord het gesprek. Het is de overbuurman. Hij zegt dat hij het verbale geweld van Bertje gewend is en zelfs weet te waarderen. ’t Is een vrolijk beestje. Maar hij tekent protest aan tegen deze wedstrijd. Verbaasd kijk ik naar buiten. De afstand tussen onze huizen is toch zeker 15 meter, mét een drukke straat ertussen. De ramen zijn niet geluidsdicht, maar wel gesloten. Is het dan toch mogelijk dat hij míj hoort? Hij bevestigt en schiet in de lach, terwijl ik verbrouwereerd het gesprek én de wedstrijd beëindig. Onbeslist. Maar volgens mij was het publiek partijdig!