Reünie

In 1999 volgde ik een cursus managementassistente in Utrecht. Het klikte tussen de tien meiden, die elkaar telkens na enkele weken terugzagen voor een nieuwe cursusdag. Toen de opleiding was afgerond, hielden zes van hen (waaronder ikzelf) contact. Gedurende de jaren die volgden, hadden we twee tot drie keer per jaar een ‘reunie’. Met twee verwaterde het contact totdat ze helemaal afhaakten, maar de overgebleven vier kletsen keer op keer alsof er geen maanden maar dagen voorbij waren gegaan. Alles aspecten van werk en prive waren bespreekbaar en werden besproken. Met de nodige humor kwamen cosmetische nieuwigheden aan de orde. Vriendjes en verliefdheden passeerden de revue. Er werd een kindje geboren. Volgend jaar wordt er getrouwd. Maar eerst vieren we dit najaar ons vijfjarig jubileum. “Goh”, zei een van ons vanavond, “toch wel redelijk uniek, he, deze vriendschap”. “Nee hoor”, antwoordde een ander, “wij zijn zelf uniek!” En daar hebben we nog maar eens een keer op getoast!

Telefoon

Mijn Aanstaande pakt de telefoon op en noemt zijn naam. “Jullie hebben gebeld?”, klinkt het nors aan de andere kant. “Dat weet ik niet”, antwoordt hij, “ik weet niet met wie ik spreek.” “(zucht) Met Diny, jullie nummer staat vermeld als ‘onbeantwoord’ dus je belt zelf, hoor!” “Sorry”, zegt mijn Aanstaande, “maar ik ken geen Diny” en tegen mij “Heb jij ene Diny gebeld?” Ik schud mijn hoofd. “Ik denk dat er sprake is van een misverstand”. “Nou, dan moet je het zelf maar weten!” en zonder te groeten wordt de verbinding verbroken. Later bedenk ik me dat ik op zoek was naar een speciaalzaak en dat de telefoon niet werd beantwoord. Misschien bestaat die zaak niet meer en heeft ‘Diny’ het oude nummer gekregen. Hoe dan ook, ik geloof niet dat het handig is om onbeantwoorde telefoontjes op deze manier terug te bellen!

Bruidstranen

Een vriendin gaf vorige week een zakje met bruidsuikers. Ze wist er zelfs de betekenissen van: boontjes voor vruchtbaarheid, zoet en zuur voor de huwelijksperiode en bruidstranen voor goede en verdrietige momenten. Lief! Op de terugweg naar huis hebben we er allebei eentje uitgekozen en het zakje (voorlopig) bij de andere cadeautjes gezet. Ik moest er vanmiddag ineens weer aan denken, toen de tranen over mijn wangen rolden. Ik was niet overgelukkig of verdrietig. Maar de tekst die ik van buiten ken, greep me ineens vanuit het niets aan. Ik schaamde me er zelfs een beetje voor, die rare brok in mijn keel. Maar sommige dingen klinken gewoon ineens anders, nu ik er zelf voor sta. Dus vergeef het me deze keer maar. Morgen schal ik weer als vanouds uit volle borst: “Ik blijf je kind, het maakt niets uit: morgen ben ik de bruid!!”.

Huwelijkswarmte

Nog steeds stromen de felicitaties, kleine cadeautjes en kaarten binnen. Mensen zijn oprecht blij voor ons en langs allerlei, vaak onverwachte kanten wordt hulp aangeboden. Oude bekenden melden zich spontaan: “He, hoe is het met je? Ik hoorde dat je gaat trouwen en ik denk, ik bel weer eens!” Eerst dacht ik dat een jaar veel te lang zou duren, dat ik niet kon wachten tot het zover was. Maar steeds meer besef ik, dat deze periode ook heel waardevol is. Gezellige voorpret met vriendinnen (nee, ik ga niet als Donald Duck verkleed tijdens het vrijgezellenfeest!), gekibbel met mijn Aanstaande over de mooiste huwelijksreis (Kreta, Korfu of Cyprus?), gesmoes met mijn moeder (wel of geen kousenband?) en prettige discussies met fotograven en bloemisten. Het is echt leuk, al deze voorbereidingen. En ik zal oprecht proberen om het er op D’s Days niet tot vervelens toe over te hebben!

Flappy

We hadden haar geen van beide zien aankomen. Maar feit was dat er ineens een vrouwtjeshond om de nek van Floppy hing. Aan de verkeerde kant wel te verstaan! In een paar seconden tijd zag ik in plaats van een rustig snuffelende hond ineens een kluwe gegrom en gebijt met overal pootjes en staarten. Floppy zat gelukkig aan de riem, dus met een ferme ruk kon ik hem onder de grotere hond vandaan trekken, die vervolgens afdroop van waar ze vandaan kwam. Met Floppy was het slechter gesteld. Mijn broek zat onder zijn bloedspetters, z’n oor droop en ook een oog zat er lelijk uit. Thuis hebben we hem een beetje afgedept en zijn toen naar de dierenarts gereden. Gelukkig viel het mee: bij zijn oog zaten alleen oppervlakkige wondjes. Zijn oor was bijna doorboord; er kon net geen gouden ring doorheen. Hij kreeg een injectie tegen infecties en mocht weer mee naar huis. Nu ligt hij in zijn mandje. Zeer tam. Een kluifje is welkom, mits gebracht. En een oor hangt een beetje. ’t Is dus een paar dagen geen Floppy maar Flappy.

Voetbal

Het is weer eten-bij-de-televisie-, himmelhoch jauchend und zum Toden betrubt-, we-nemen-de-telefoon-niet-op-tussen-half-9-en-half-11-tijd, oftewel het Europese Kampioenschap Voetbal. De oranje t-shirts, petjes, sokken en dassen waren vandaag weer niet van de lucht op kantoor. Ik hoorde iemand zeggen: “Nee, vanavond kan ik je email niet beantwoorden, het is voetbahal!”. En iedereen heeft er ook verstand van. Terecht dat Kluivert niet opgesteld staat. Advocaat snapt er geen bal van. De Boer wordt te oud. Een paar weken van zenuwen en spanning. Van (naar we hopen) een groeiend legioen aanhangers, omdat het goed gaat met ‘onze jongens’ en we willen delen in hun succes. Maar het blijven natuurlijk tweeentwintig mannen die achter een bal aanlopen, sprak ze relativerend. En om nu te voorkomen dat ik allerlei defensieve geirriteerde antwoorden in de respons krijg: ook wij eten bij de televisie vanavond!

Babietjes

Vrienden van ons hebben sinds eind vorig jaar een dot van een babietje. Ze heet Nova en is werkelijk een schatje om te zien. Het was fijn om met hen bij te praten, maar zeker zo leuk om met haar te spelen en vast te houden. Babietjes ruiken altijd zo lekker. Terwijl mijn Aanstaande Nova op schoot had, somde onze vriendin ijverig alle voordelen van het ouderschap op, ‘just in case you never know’. Maar net toen ze midden in haar verhaal zat, onderbrak hij haar. ‘Alles leuk en aardig’, zei hij, de dochter aan de moeder aanreikend, ‘maar zoeen als deze hoef ik niet.’ Toen ze hem niet begrijpend aankeek, vervolgde hij, op zijn ondergekwijlde blouse wijzend: ‘Ze is namelijk lek!’

Dwaas

Gisteren was mijn vriendin hier met haar gezin en hond. Floppy vond dat laatste maar niks. Hij is afgelopen donderdag 12 jaar geworden en van een anderhalf jaar oude teckel wordt hij erg moe. Maar Doortje (inderdaad vernoemd naar mij) vond Floppy tof! Heel erg tof!! En zijn doos met speelgoed nog veel meer!! Op een gegeven moment was mijn puberpetekind op een dwaze manier rondjes aan het rennen door de gang en de kamer, met beide honden in zijn kielzog. Er komen drie deuren uit op de gang, dus hij had niet in de gaten dat de honden afhaakten en bij ons kwamen zitten kijken. We hebben hem een paar rondjes door laten lopen voordat we hem, snikkend van het lachen, op de hoogte brachten. Leuk, dit soort avonden!

Kapster

Vandaag stond een bezoek aan de kapster op de agenda. Ik had haar al geinformeerd over de toekomstplannen en ze verraste me met het eerste officiele cadeautje naast de vele kaarten en emails die we al ontvingen. Leuk!! Vervolgens vertelde ik haar dat ik het gebruikelijke wilde laten doen: knippen en kleuren. Ze keek me via de spiegel aan (toch zo handig hoe ze dat altijd doen; met je praten via de spiegel). ‘Dat dacht ik niet!’ Niet begrijpend keek ik haar aan. Maar vervolgens kreeg ik dus een complete planning aangeleverd! Vanaf nu gaan we uitproberen. En vooral laten groeien. Want je kunt beter net vantevoren een heel stuk ‘teveel’ afknippen dan een stukje tekort komen. En ook met kleuren zou uitbundig worden geexperimenteerd de komende periode. Berustend heb ik een boekje gepakt. En nu zit ik dus met een gigantisch feestkapsel achter de pc. Mijn Aanstaande is zeer enthousiast over de eerste poging. Maar vele zullen nog volgen!

Huwelijksvoorbereidingen

Gisterenavond sprak ik een vriend die een paar jaar geleden is getrouwd. “Joh, plan nou snel een datum, want je bent al aan de late kant”. Van mijn tegenwerpingen wilde hij niets horen: “Je hebt helemaal niet ‘nog alle tijd’, dat zul je wel merken!” En dus toog ik aan het bellen. En werd steeds meer verbaasd. Het stadhuis: “10 juni 2005? Daar heb ik nog net een gaatje vrij”. De kerk: “Oh, dan moet ik even kijken, want over die datum ben ik al een paar keer gebeld!” De feestlocatie: “Moet nog net kunnen die week”. Alsof ik probeer om Marco Borsato te boeken! Maar goed, we hebben dus een officiele datum: vandaag over een jaar is er geen nieuw D’s Days-item, want dan ben ik met heel andere dingen bezig!!